dinsdag 31 juli 2018

DONKERWIT (De Ware Tijd, 28 juli 2018)


Het lijkt een blijvend verschijnsel dat mensen met een donkere huid ernaar streven een lichtere huidskleur te hebben. Die donkere huid blijft een heet hangijzer voor velen. Ware het nou Creolen, Javanen of Hindoestanen.

Maar een tintje lichter willen zijn, lijkt mij, eerlijk gezegd, geen probleem. Ik vergelijk het met een tintje donkerder willen zijn in de vakantie om te laten zien dat je bent gekust door de zon. Wat ik moeilijk kan bevatten, is waarom  mensen zichzelf zo bleken dat het net spoken worden. Wat is de schoonheid van dat ‘donkerwitte’? Het is zelfs zo dat sommigen hun huid helemaal verpesten met die zalfjes. Toch gaan ze verder en verkiezen zweren en huiduitslag boven hun natuurlijke, donkere huid.

Vroeger was er het koloniale aspect. Men wilde blank zijn zoals de heersende klasse. En we moesten dan ook blank of lichtgetint trouwen zodat we in ieder geval ons nageslacht tegen de ‘hebi’ van de zwarte huid konden beschermen. Huidskleur alleen heeft hele gezinnen ontwricht en kinderen traumatisch doen opgroeien wanneer eentje donkerder of soms juist lichter van kleur was.

Hollywood heeft echt goed werk verricht met ‘whitewashing’ als strategie. De wens een lichte huid te hebben, lijkt zelfs globaal. Sommige Amerikanen laten nu hun anus bleken, en Aziatische mannen hun peppie. Hun ideaal lijkt wel ‘het zwarte formaat, in een wit jasje’! Is het een modetrend? Of een behoefte, voortkomend uit aangeleerde minderwaardigheid?

De vraag is dus waarom skinbleaching nog steeds zo populair is. Omdat het nu gewoon hip is? Dat is wat jongeren in Jamaica zeggen, als de documentaires representatief zijn. Daar zijn er lokale popsterren die ‘skinbleaching’ promoten. Hier hebben we er ook een paar die het ‘kunstje’ proberen af te kijken. Ik vraag me soms af of de behoefte blank te willen zijn zoiets is als ‘transracial’ zijn? Of een vorm van ‘body dismorphic disorder’, oftewel ingebeelde (of aangeleerde?) lelijkheid?

Wel lastig om je constant af te vragen of je iets doet vanwege het modieuze of omdat het aangeleerd is. Als ik zeg dat ik bijvoorbeeld extra in de zon ga zitten zodat men kan zien dat ik in het binnenland ben geweest, doe ik dat omdat ik mijn diepere kleur dan ook echt mooier vind.  Is er bij mij dan ook sprake van een aangeleerde behoefte net zo te zijn als mijn witte medemens die een “lekker kleurtje” wilt krijgen?

Dat er nog restanten van kolonialisme in ons huizen, is een feit en logisch. Dat die resten er bij het voormalige moederland zijn, wordt vaak betwist. Toch is het zo. Het was in 2016 dat een Hollandse vakantieganger zei dat ‘we maar blij moesten zijn dat Nederland ons als slaaf naar Suriname had gebracht omdat we anders nog, onderontwikkeld, in de rimboe in Afrika zouden rondhuppelen’.
Het was te belachelijk voor woorden maar ik geloof dat er genoeg Surinamers zijn die haar gelijk zullen geven. 

‘Blank praten’ brengt je namelijk ook dichter bij blank zijn. Ik heb het dan over het redeneren vanuit de optiek van ‘de witte man’, niet over ‘netjes’ praten. Net zoals dat sommigen Stef Blok en Sanne de Bakker gelijk geven en, net als hen, niet de fout ervan inzien.

Maar is het niet eens tijd het stigma op lichter willen zijn los te laten? Is dat niet gewoon een tegenreactie, ook overgeleverd uit de koloniale tijd? Kunnen we niet gewoon genieten van al de mogelijkheden die dit tijdperk biedt en het niet meer zo zwaarbeladen maken? Is het nog te vroeg? 

Hopelijk bereiken we ooit dat punt. Want huidskleur mag iemand toch nooit beperken in het maken van keuzes?                                                                                                                       

maandag 23 juli 2018

OM TE KOTSEN (De Ware Tijd, 21 juli 2018)

Net op tijd bracht ik hem naar de WC. Hij had zijn hand voor zijn mond en het braaksel glipte al tussen zijn vingers door, een weg uit zijn maag zoekende. Als een projectiel schoot het uit zijn mond. Alsof het nauwkeurig gecalculeerd was, precies in de pot, geen druppel op de bril. Het zat vol resten van zijn avondmaal, de paprika chips die hij had gegeten, een paar stukken krentenbol vermengd met de zure geur van frisdrank die het kleurde als Colakreek. Hij braakte als een malle maar liet geen sporen achter.

Het was kenmerkend voor hem. Alles wat hij deed, was er op gebaseerd geen afdruk achter te laten. De wereld mocht niet weten dat hij bestond en het liefst was hij onzichtbaar. Toch had hij zich opgegeven voor een training persoonlijke ontwikkeling waarbij hij voor een groep moest staan. De opdracht? Vertellen wie hij was. Het deed hem tollen. Zijn hele leven lukte het hem onzichtbaar te blijven.

Vader en moeder hadden beiden twee banen. Dat betekende dat hij vader alleen zag in het weekend en moeder alleen na acht uur in de avond, als ze niet te moe was. Hij besefte dat ze het deden voor hem en zijn broers en zussen. Zijn ouders wilden hun kinderen een goede toekomst bieden. Dat ze zichzelf en het gezinsleven hadden opgeofferd daarvoor is een veel voorkomende realiteit.

Veel hadden ze hem niet kunnen bijbrengen. Hij kon niet koken ondanks zijn pogingen tutorials te volgen op You Tube. Dus zocht hij zijn toevlucht in science fiction en Manga tekenfilms vol mensen met bovennatuurlijke krachten. “Was ik maar zoals die superheros.”, zei hij welgemeend. Om zijn ouders te helpen, zorgde hij ervoor dat er altijd koud water in huis was. “Ik weet dat ze het lekker vinden om bij thuiskomst even te zitten en hun dorst te lessen.”

Na een tijdje vertelde hij waar zijn angst voor een groep te spreken vandaan kwam. Voor het eerst deelde hij dat met iemand. Emotioneel maakte het hem. Hij werd gepest op school. Niet door medeleerlingen. Maar door de leraren. Op dat moment rende hij weer weg. Hand voor de mond om ervoor te zorgen dat de tweede lading comfortfood niet op zijn kleding of mij belandde.

Het deed me denken aan een onderzoek dat ik recentelijk onder ogen kreeg. Daarin stond dat ongeveer een vijfde deel van de leraren verbaal, en fysiek, geweld toepast bij het sanctioneren van de leerlingen. Het verbale geweld bestaat uit opmerkingen zoals “Je bent een koe,een  ezel, je bent dom!”. Niet echt pedagogisch verantwoord, toch?

Zelf heb ik korte tijd mogen genieten van het onderwijs op een Surinaamse openbare school. Ik was soms in shock van wat ik zag. Ook toen ik een keertje met een liniaal op mijn handen werd geslagen. Je weet wel, die ene met dat metalen randje. En natuurlijk kreeg ik dat metalen randje en niet de botte kant. Het was een emotionele reactie van de juf. Maar ik was in shock daar mijn ouders mij zelf nooit hebben geslagen en ik mijn eerste fysieke sanctionering dus van een vreemde moest genieten.

Het was, als het om mij gaat, een geisoleerd incident. Dus ik heb het haar vergeven. Wat ik nog steeds niet kan vergeten, is hoe een klasgenoot van Marron afkomst consequent dyuka werd genoemd. Hij was de beste van de klas en haalde de hoogste cijfers. Zijn beloning? “Ai, Regi, je bent echt slim voor een dyuka.” Nu denk ik niet dat dit zo een impact op hem had dat hij moest overgeven maar echt pedagogisch verantwoord was het niet!



maandag 16 juli 2018

AAI, POESIE, AAI (De Ware Tijd, 14 juli 2018)


Daar lag hij dan. Uitpuilende buik. Hand net iets te dicht bij het kruis van een dame die half op hem lag. Ze was dus geen vreemde. Met fronsende wenkbrauwen bekeek ik de foto. De kleurige make-up van de dame viel me op. Ze leek Braziliaanse en die zijn nou eenmaal feestelijk, bedacht ik me.
Maar die man... wie was dat toch? 

Toen viel het kwartje! Het was die man die zo van dokken hield! Daarom noemden ze hem toch Dokson? Ik had atijd gedacht dat hij getrouwd was. Gezien de stroom van reacties op Facebook bleek dat het geval. Hij loopt uit, zeiden mensen en ze spraken er schande van. Of het waar is, boeit me niet zoveel. De persoon zelf ook niet. Dat het een minister is wel.

In het buitenland zou iemand in zo een functie waarschijnlijk aftreden omdat zijn integriteit ter discussie was komen te staan. Bij ons zegt men gewoon “Ik laat me niet in met roddels”. Is het niet zo dat met keihard bewijs iets geen roddel meer is? Ik moest denken aan een functionaris in Japan die zijn ontslag indiende omdat hij een paar seconden te laat was met iets. Misschien overdreven maar het getuigt wel van een goed verantwoordelijkheidsgevoel.

Met mijn bijzondere ‘open mind’ verbaast veel me niet. Een ding doet mij echter respect verliezen. Dat is voor getrouwde mannen die hun vrouw thuis laten zitten en de ‘jonge, vrijgezelle kerel’ gaan uithangen. Ik heb teveel vrouwen in mijn omgeving gezien die zich vernederd voelen als en wanneer hun man zoiets doet. Ik heb teveel kinderen, en volwassenen, gezien die hun vader om die reden maar een ‘nobody’ vinden. Terecht. En dan hebben we het niet eens over de ‘buitenkinderen’ die met een ‘parttime vader’ opgroeien en verder geen rechten hebben.

Er is ook het gezondheidsaspect. In mijn werk kom ik vaker vrouwen tegen die geinfecteerd raken met allerlei ‘meeliftende’ virusjes. Uitlopen is gevaarlijk! Waarom blijf je nog bij een vrouw als liefde en respect overduidelijk verdwenen zijn? Is het niet eerzamer om het oude eerst af te handelen en pas dan los te gaan met het nieuwe? Waar is het gevoel van zelfrespect? En, in dit geval, respect voor de functie die je bekleed?

De reacties op social media zijn dubbel. Sommige mensen vinden dat men alleen iets mag zeggen indien men van onbesproken gedrag is. Anderen vinden dat dit niet geldt bij een publieke functie. Het is wel zo dat als iemand credits heeft opgebouwd bij de samenleving, men misstappen vaak vergeeft en vergeet.

Wanneer het werk al is doorspekt met leugens en er ook nog eens prive sappigheden naar boven komen, dan is het toch wel even tijd om na te denken of zo iemand wel volwassen genoeg is. Blijkbaar niet. Misschien moet dan de keuze gemaakt worden om met poesjes te blijven spelen en het serieuze werk aan volwassenen over te laten?

Het deed me denken aan een onlangs verschenen artikel over mannen die in de jonge jaren vaak buitenshuis ‘nasi aten’ ondanks een gezin te hebben. Hun oude dagen sleten ze eenzaam, terecht verlaten door hun kinderen. Jammer dat die mannen uit dat stuk niet even een jaartje minister waren geweest. Dan hadden ze nog tot hun dood kunnen genieten van die financiele privileges en gezelschap kunnen kopen.

Een van de meest lachwekkende reacties op social media was dat president Trump had uitgelopen bij de vleet en toch de machtigste man ter wereld was geworden. Die persoon had het woord ‘man’ moeten vervangen voor ‘idioot’. Want dat is elke man die uitloopt, machtig of niet.


zondag 8 juli 2018

SPIEREN IS NIET ALTIJD VIEREN (De Ware Tijd, 07 juli 2018)


Laatst had ik een gesprek met een jongeman. Trillend zat hij tegenover mij en hij vertelde over de zware periode die hij achter de rug had. Er was hem van alles aangedaan en hij vertelde gedetailleerd maar over een specifieke reeks gebeurtenissen was hij nogal vaag. Hij gaf aan dat hij zich vies voelde als hij erover sprak. 

Na meerdere sessies vertelde hij dat hij bij een meneer had ingewoond. Deze had hem meerdere malen wakker gemaakt met een orale verwennerij. Niet goed wetend wat te doen, omdat hij geen plek had om heen te gaan, had hij het allemaal laten gebeuren. In zijn hoofd had hij bedacht dat hij niet sexueel was misbruikt want ‘alleen oraal was toch geen sex?’.

Echter is het wel degelijk sexueel misbruik omdat het eigenlijk tegen zijn zin gebeurde en het wel degelijk een sexuele handeling was. Het deed me denken aan dat mensen vaak zeggen dat als er geen penetratie heeft plaats gevonden, het geen sex was. Ik vroeg me af hoeveel meer jongemannen zulks misschien hebben meegemaakt en er niet over praten uit schaamte of omdat ze dus denken dat het geen sex is.

Een ander ding dat meespeelt is dat men er vanuit gaat dat mannen een erectie krijgen en het dus prettig vinden. En dat is het nou, dat ding van mannen word vaak zomaar hard. Spieren is voor mannen bijna hetzelfde als ademhalen, tenzij ze diabeet zijn of een andere medische reden hebben. Maar tiener jongens, met hun gierende hormonen kunnen een makkelijk slachtoffer zijn.

Als maatschappij nemen we sexueel misbruik van vrouwen een stuk serieuzer, in tegenstelling tot mannelijke slachtoffers. Toch kan het echt zo zijn dat een vrouw een man mishandeld, misbruikt of zelfs verkracht. Een ander voorbeeld is dat van een jongen die in een eetcafe werkte en iedere keer als hij door de zaak liep, waren er vrouwen die hem aanraakten in zijn kruis en sloegen op zijn billen. 

Vanwege de eerder omschreven denkwijze wist hij niet goed wat te doen. Hij vroeg toch zijn manager om advies. Deze snapte totaal niet waarom hij er een klacht van maakte. Hij lachte hem zelfs uit toen de jongen aangaf zich vies te voelen als het gebeurde. Toen hij de dames daarna zelf maar aansprak, reageerden ook zij verbaasd.

Ik ken een jongeman aangifte deed tegen zijn, veel, oudere vriend. Deze had hem meermaals sex laten hebben met andere mannen. “Je houdt toch van me? Dan doe je het.” Na een bofroe tafra onder dwang, besloot hij aangifte te doen. De politie wimpelde het af. “Eigenlijk is het ook een huwelijk en dan bemoeien we niet.”, was hun reden. Mooi dat ze respect toonden voor een verbintenis tussen twee mannen, echt! Wel jammer dat die jongen niet geholpen werd.

Een man die aangifte doet tegen zijn vrouw vanwege huiselijk geweld, vinden we ook een lachwekkend verhaal. Terwijl mannen dit vaak ondergaan omdat ze hun vrouw niet terug willen slaan. Soms resulteert dit in excessief geweld waardoor ze uiteindelijk aangifte doen. Beter dan het recht in eigen hand te nemen, toch?

Het lijkt wel een gedoog-beleid als het om misbruik van mannen gaat. Als we goedkeuren dat zulke dingen met onze mannen gedaan worden, dan moeten we niet verbaasd zijn als zij ditzelfde gedrag vertonen richting vrouwen, of andere mannen. Vrouwen sla je niet, maar zij mogen ook niet slaan. En mannen kunnen door zowel mannen als vrouwen misbruikt worden. Alle vormen van misbruik zijn fout en schadelijk voor het slachtoffer. 

Gelukkig zijn we strikter als het om minderjarige jongens en meisjes gaat, maar zelfs dat zijn we niet altijd.


EY-MAN-SYI-PASSI (EMANCIPATIE) (De Ware Tijd, 30 juni 2018)


We zijn aan de vooravond van de 155ste jaardag van de afschaffing van de slavernij. Voor velen een heuglijk feit. Voor mij valt er te vieren dat we 155 jaar geleden, slechts,  de fysieke keten der slavernij hebben verbroken. Oh, dat schrijf ik weer verkeerd want we MOCHTEN ze verbreken. Wij zeiden niet op een dag: “En nu is het genoeg!”. Nee, masra had bedacht dat het genoeg was.

In acht nemend dat 25% van de plantages ten tijde van die zogenaamde afschaffing in handen was van gekleurde Surinamers is, voor mij, nog meer reden mezelf af te vragen wat er te vieren valt. De meeste van die families maken nu nog de dienst uit! En ook nu verwachten ze sakafasi gedrag.

Het kan anno 2018 nog steeds gebeuren dat een jong, lichgekleurd persoon uit de elite klasse, tegen een oudere werker zegt: “Ey, blaka, hark a presi!”, terwijl ‘blaka’ gedienstig knikt, de vernedering zichtbaar in zijn ogen. 

Velen van ons deelden foto’s van de golden boy! Hoeveel zouden juichen van blijdschap als hij met zijn blakabuba, voor de medaille te winnen, met onze dochter zou willen trouwen?

Wat valt er dan te vieren?

We praten alsof de erfenis van de slavernij alleen de onderontwikkelden betreft. Het tegendeel is waar. We hebben de fysieke ketenen verbroken, maar wat betreft de mentale ketenen vragen we ons nog steeds af of die vijl voor onze valse nagels is of iets anders. We zijn blijven streven hetzelfde als de meester te worden. Ik noem het de meester-mentaliteit.

Hebben veel beleidsmakers last van, denk ik. Ze lijken soms te blijven hangen in die denkwijze waarbij het logisch is dat de meesters werden vergoed voor het kwijtraken van hun vee, onze voorouders. Elke beslissing aangaande de plantage werd gemaakt door de meester zonder inacht neming van het welzijn van zijn werkpaarden. 

Dat gebeurt in ons land ook. Houtconcessies uitdelen en niet nadenken over de mensen die het bos bewonen. Laat staan dat die eraan verdienen!

Die meestermentaliteit is ook te merken aan ons minimumloon. SRD 4 voor het volk. Het tienvoudige voor beleidsmakers. Zij moeten zich kunnen meten met het buitenland. Het volk dus niet?! Wij krijgen het advies zelf te gaan planten als we niet rondkomen terwijl onze beleidsmakers in de betere supermarkten met Europese goederen paraderen.  Niemand trekt de mond open want, als goede slaven, zijn we gewend: “Niet klagen, maar dragen!”.  

Hadden we er niet beter aan gedaan weer MENS te willen worden, na die eeuwen van dehumanisering?

Maar we hebben gewoon de zwepen vervangen met religie. En net als toen, zijn we strenger voor elkaar dan de meester was. Ons streven meester te worden is dus ook daarin merkbaar. We noemen onze kinderen nog steeds pikin nengre! De Negerkreek laten we zo maar de Gravenstraat veranderen we van naam omdat het koloniaal is. We vinden dus Negerkreek een gepaste naam? Snappen wij, nieuwe meesters, niet wat daar fout aan is? Wat valt er dan te vieren?

Het is wel een hele belangrijke dag. Daarom is het verplaatsen van de feestelijkheden naar 2 juli zo raar. Alles zou moeten wijken voor deze dag! Nu is het mosterd na de maaltijd.  Is het verschoven omdat het een zondag is? Respecteren we het geloof van de meester nog teveel om op zondag onze vrijheid te vieren?! Mogen we dan geen traditionele wasi’s doen?! Of wilde een masra gewoon een extra vrije dag?

Tot we ons de weg naar mens zijn weer herinneren, zou 1 Juli een bezinningsvolle dag moeten zijn. Yoga zou echt daarbij kunnen helpen. Waarschijnlijk de reden dat sommigen het duivels vinden...

YIN EN YANG (De Ware Tijd, 23 juni 2018)


Hij keek naar de grond, ademde in en zei: “Grof gezegd, I don’t give a fuck!”. Hij vervolgde dat het hem niets kon schelen wat men van hem dacht. Veel had hij doorstaan. Van een vader voor wie hij het verzweeg tot aan zijn grootouders die met allerlei bonu praktijken bezig waren geweest om hem ‘normaal’ te kunnen maken. Vrouwelijke collega’s die hem, met de beste bedoelingen, aan een vrouw wilden helpen. Dat had allemaal niet geholpen. Duh!

Het irriteerde hem ook dat men er altijd vanuit ging dat het hem om seks ging. Homo zijn is voor veel mensen hetzelfde als boelen, vandaar de ‘koosnaam’boelers. Waarom zijn we eigenlijk zo gefocust op het lichamelijke aspect? Net zoals dat we bij twee vrouwen meteen denken aan ‘schuren’ en ‘scharen’. Of dat men vindt dat een uitgang niet als ingang gebruikt mag worden. Thuis ga je ook wel eens door de achterdeur naar binnen..

Vaak word hij benaderd door mannen, homoseksueel en heteroseksueel, die ‘het voor hem willen drukken’. Het liefst op het moment dat ze hem aanspreken bij de bushalte. Alsof ze niet weten dat het niet zo makkelijk is omdat er een heel proces aan vooraf gaat.  En incasseren is een kunst die niet alleen bij boksen toegepast wordt. Het beeld dat men heeft van same-sex love, zou moeten veranderen. De focus moet zijn op love in plaats van op same en sex.

Deze eerdergenoemde jongen weigert seksuele avances omdat hij een serieuze liefdesrelatie wilt. Dat wij alleen focussen op het lichamelijk zegt iets over ons. Alsof we bij de eerste stap blijven steken terwijl er nog honderd te gaan zijn. Een enkele bladzijde zegt iets over een boek maar zeker niet alles.

Maar ja, onder ons zijn er nog genoeg die naast homo’s ook tattoeages, piercings, hard rock en yoga, ja zelfs yoga, beschouwen als dingen van de duivel. Hoe bizar eigenlijk dat er gemeenschappen zijn die onvoorwaardelijke liefde prediken maar keihard zichzelf tegenspreken en allerlei andere religies, tradities, levensovertuigingen, subculturen, individuen en zelfs ontspanningstechnieken lopen te stigmatiseren en te discrimineren. Ja, dat LOPEN ze te doen.

Hebben ze niets beters te doen? Ik denk van wel. Het betere dat zij kunnen doen is zichzelf onderwijzen in hun eigen geloof. Dan wel in alle aspecten ervan en niet alleen de delen die hun waanbeelden sterken. Er zijn de laastste tijd best wat vrouwen vermoord. Nooit heeft any religieuze organisatie zich daarover uitgesproken. Maar als een transgendervrouw haar recht wil praktiseren, piepen ze.

En als de president een Indiase gast heeft tijdens de Internationale Dag van de Yoga, gaan sommigen zelfs de gemeenschap opjutten. Voor wat? Waar blijft de oproep geen vrouwen te slaan of te doden? Waar blijft de oproep geen mensen te beroven? Waar blijft de oproep gemeenschapsgelden niet te gebruiken voor individueel gewin?!

Wanneer christelijke organisaties oproepen tot massagebeden zijn er genoeg mensen die het onnodig vinden maar niemand rept een woord en toont respect. Het christelijke Kerstfeest vieren we met elkaar ondanks onze religieuze diversiteit maar als het om yoga gaat, is het duivels?! Waar is het respect gebleven? 

Het licht heeft sommigen eerder verblind dan verlicht. 

Die homosexuele jongen die gestigmatiseerd wordt, is eigenlijk een beter rolmodel dan zij die hem een gruwel vinden.

Maar dit soort bijzonderheden zijn ook wel mooi. Het blijft toch een onderdeel van onze diversiteit. Laten we daar trots op zijn, niet angstig. Een ieder heeft recht op een eigen waarheid.  Geen goed zonder slecht. Geen yin zonder yang... Oeps, dat was zowaar een verwijzing naar een Oosterse levensovertuiging en dus de duivel die via mij spreekt .. Mammie?

MATI (De Ware Tijd, 16 juni 2018)


Terwijl ze zich probeerde los te wurmen uit zijn te stevige omaring, sprak hij zachtjes tegen haar. “Schatje, alsjeblieft, kom naar huis. Ik ga je niet slaan, ik beloof je. Ik wil alleen dat je naar huis komt. Ik hou van je. Alsjeblieft.” Zijn gezicht was vol berouw en verdriet. Ze ging steeds minder tegenstribbelen en vertelde hem dat ze niet bang was voor zijn klappen. Het zou juist in een pittige vechtpartij ontaarden.

Van een afstand keken omstanders toe en fluisterden onderling. “Ze houden echt van elkaar. Maar zijn matties plagen hem omdat zij transgender is.” “Ai, ze zeggen dat zijn vrouw een man is. En da frustreert hij, da a e nak a sma.” Ey, ma den mattie fu eng werede, yere!” Triest eigenlijk, dat twee mensen die bij elkaar het geluk gevonden hebben, soms bezwijken onder ‘peer pressure’ van zogenaamde vrienden.

Vrienden zijn mensen die je door en dik en dun steunen. Ze moeten je de waarheid zeggen maar wel altijd respect behouden voor je keuzes. Regelmatig hoor ik verhalen van volwassen mannen wiens leven moeilijk word gemaakt door vrienden, en collega’s. Ik stel ze dan altijd de vraag “Zijn het dan wel echte vrienden?” Vaak zijn ze stil omdat dan meteen de hersenen gaan werken en ze beseffen dat ze een beetje als bobo’s doen.

Een keer heb ik een man echt even een bemoedigend praatje moeten gegeven. Hij was zo trots dat hij al zes jaar niet was uitgelopen voor zijn vrouw. Mijn grote mond weerhield mij er niet van om te zeggen dat het niks was om trots over te zijn maar dat het zo hoorde. “Ik ben trots omdat al die tijd mijn vrienden mij hebben uitgemaakt voor mietje omdat ik niet net als zij met andere vrouwen ging terwijl hun vrouw thuis was met de kinderen.” Ze hadden hem zelfs belachelijk gemaakt omdat hij geen alcohol wilde drinken.

Nadat ik dat had gehoord, was ik ook wel een beetje trots op hem moet ik toegeven. Hij had zelfs iets gedaan dat onontkoombaar was, wilde hij een gelukkig gezinsleven. Namelijk al die vrienden gedag zeggen. Dat was, toevallig?, ook zes jaar geleden. Nu dronk hij af  en toe met collegas nog een drankje in een bar waarbij hij zijn vrouw altijd op de hoogte stelde.

Ik wou dat ik ook zo een gesprek kon hebben met die man wiens geliefde een transgendervrouw was. Het is nou eenmaal zo dat het leven allerlei uitdagingen op je pad brengt en dat het de kunst is hier op een goede constructieve manier mee om te gaan. En dat wil niet zeggen dat je moet verbergen wie je bent of liefhebt om mensen die niet veel beter zijn te behagen. Staan voor wie of wat je bent is moeilijk maar wel de moeite waard.

Aan het einde van de rit zal het echt niet zo zijn dat je denkt aan het geslacht van je partner bij leven maar aan de leuke herinneringen en de liefde. Ik vind die man moedig dat hij ondanks zijn omgeving en het effect daarvan op zijn relatie toch nog ervoor strijdt. En, zeg nou zelf, als het minder gaat met hem, wie zal er voor hem zijn? Niet de vrienden. Dat is omdat het ineerste instantie al geen vrienden waren. Waarom zou je iemand zo frustreren dat hij zijn eigen geluk gaat dwarsbomen?

Daarmee praat ik zijn losse handjes niet goed, zeker niet. Maar we moeten beseffen dat onze uitspraken en handelingen een gevolg hebben voor mensen die soms onschuldig zijn. Wat maakt het trouwens uit in welke verpakking een kadootje zit?

SOSO TAKI (De Ware Tijd, 09 juni 2018)


Terwijl mijn taxi tot stilstand kwam, viel een groepje dames in het oog. Perfect opgemaakt, sexy kleding, hoge hakjes. Het waren mooie dames om te zien en ik wist uit welke groep ze kwamen. Van binnen hoopte ik dat de taxi chauffeur er niet over zou beginnen. Soms gaan mensen er vanuit dat een ieder denkt zoals zij doen. En, ja hoor..

Met vaderlijke stem zei hij: “Kijk, die groep daar, twee daarvan zijn mannen, dus uitkijken, hoor!” Even wist ik niet wat ik moest zeggen. Zou ik hem vragen waarvoor ik op moest passen? Zou ik hem uitleggen dat het transgendervrouwen waren? Of zou ik hem gewoon bedanken? Ik besloot het laatste te doen, vriendelijk lachend. Want ook al was zijn opmerking misplaatst, het was goed bedoeld.

Maar waarschuwen voor wat? Waren die transgendervrouwen zo machtig? Waren het watramama’s? Waren ze doof voor woorden als “Ik wil niet.”? Of is het gewoon zo dat de Surinaamse man gewend was zijn pik in alles te steken wat twee gaten had en nu ineens moest oppassen? Moeten we op het pad van liefde en seksualiteit niet altijd oppassen?!

Waarom waarschuwen voor deze groep? Waarom geen rekening houden ermee dat ik misschien wel van transgendervrouwen zou kunnen houden? En waarom niet accepteren dat daar helemaal niets mis mee is? Anders zijn mag.. toch? Is het niet zo dat het onze diversiteit is die ons land zo uniek maakt? Waarom niet gewoon trots zijn dat we nog diverser blijken dan we al waren?

Die foto van die moskee en synagoge kennen we nu al. De hele wereld kent het al. En de hele wereld ziet ook hoe ‘soso taki’ we eigenlijk zijn. Want een inclusieve samenleving zijn we niet. 

Wat de Surinaamse boer niet kent, bullet hij!

Onderzoek heeft uitgewezen dat genderdystrofie bestaat. Er is dus bewezen dat transgenders echt zijn zoals ze zeggen en dat hun hersenen ook werken zoals dat van het geslacht dat zij biologisch willen, of horen te, zijn. Maar voor de meesten van ons bijven transgenders mannen die als vrouwen willen doen en vooral daarom vinden we dat we het recht hebben om ze maar te behandelen als derderangs burgers. Wat een grootheidswaanzin.

Ja, er zijn ook vrouwen die zich man voelen en daar doen we niet moeilijk over. We vinden het zelfs stoer. Het streelt het mannelijk ego. Mannen die vrouw willen zijn, zien we echter als een belediging voor de man terwijl we het ook kunnen zien als een eerbetoon aan de vrouw of vrouwelijkheid. Het paternalisme leidt de wereld. Spijtig, als je erover nadenkt. Gelukkig voor de stoere vrouw of transgenderman.

Maar het zijn toch niet de transgendervrouwen die wekelijks in het nieuws staan omdat ze hun partner hebben doodgeschoten. Het zijn niet de transgendervrouwen die corruptie in stand houden. Ze zijn zeker niet degenen die bejaarde vrouwen verkrachten alvorens hun huis leeg te roven. En toch...

Toch vinden velen van hen geen baan.  Ze tippelen daarom in het centrum. Daar doen ze best goede zaken want, of we het nou willen weten of niet, ze zijn populair. Van de opbrengsten betalen ze zelfs hun hormonen en levensonderhoud.  Nu zijn er plannen om sex werkers belasting te laten betalen. Direct of indirect via clubeigenaren. Dus ook de transgenders.

Adjakasa! Laat het niet zo zijn dat er nog een belastingbetalende groep is die niet mag genieten van dezelfde rechten als andere burgers in onze samenleving. Laten we eerst de samenleving inclusief maken met respect en recht voor iedereen.

Want alleen de lasten maar niet de lusten, komt niemand voor uit bed. Ook niet voor geld!




FREDE FREDE (De Ware Tijd, 02 juni 2018)


De mofokoranti is van oudsher een effectieve Surinaamse methode voor het verspreiden van nieuws, zowel echt als ‘fake’. Social media is de nieuwe versie hiervan! Al het beschikbare materiaal bonken we op het internet voor een ieder om te zien. Vechtende scholieren, zwervers met grote bananen, maar het liefst filmpjes van de sexuele inbere van mensen. Razend populair zijn die. Triest eigenlijk. Maar, eerlijk gezegd,  soms zijn ze best grappig.

Zo is er een filmpje te zien van twee, volwassen dus no moei,  heren in ‘gowtu busi’ die op heterdaad betrapt worden net voordat ze samen ‘verstop het zwaard’ zouden spelen. Daar is niks grappigs aan op zich. De humor zit hem erin dat de ene begon met echt ‘toneh’ verklaringen: “Nooo, dus, yu sabi, a man taki dat na scheer a bo scheer mi.” Tja, als het normaal is dat twee mannen elkaar scheren met hun onderbroeken op de knieen en de scheerder voorover bukt, is het een hele goede verklaring. 

Is het nou zo erg om toe te geven dat yu ben wan puru lostu? In gowtu busi zijn er weinig vrouwen. Elke gewillige hand is dan iets waard, een klompje goud voor het poetsen van een zwaard! Komt ervan als we onze zonen voorhouden dat kloppen zondig is, in plaats van een manier van zelfcontrole bij schaarste.

Een ander, serieuzer, fenomeen is het delen van foto’s van personen die, volgens zeggen, zijn geinfecteerd met HIV. “Luku bun, a habi takru siki!” Dat is eigenlijk zinloos. Tegenwoordig kan men namelijk, indien men medicatietrouw is, het virus niet meer overdragen omdat het dan zodanig is onderdrukt dat het ondetecteerbaar is. 

Men vergeet trouwens dat er nog andere, gevaarlijker, ziektes over te dragen zijn. Een met pus besmeurd zwaard, een voortuin vol luizen of bloemkool bij de deur lijken mij geen pretje. Die waarschuwingen komen echter zelden voorbij. Misschien omdat ze minder bekend zijn doordat we seksuele voorlichting nog steeds zien als stimulerend in plaats van als preventief?

Wie leeft met HIV moet er voor zorgen de weerstand op peil te houden. In een volle bus zitten is gevaarlijker voor de persoon met HIV dan voor hen zonder omdat een kleine bacteriele infectie grote gevolgen kan hebben. Toch zie je geen HIV-geinfecteerden foto’s delen van personen met de waarschuwing “Luku bun, disi habi griep virus!”. Gezien de stigmatisering die zij te verduren hebben, vind ik dat best aardig van ze.

Een ander voorbeeld is dat van revenge porn. Relatie gaat stuk en men deelt dan beeldmateriaal van de ander om deze te shamen. Ik vind echter dat de distributeur zichzelf te schande zet. Deze toont onbetrouwbaar te zijn en privacy niet te begrijpen en te respecteren.  Shame on you , shamer! Als Helga Joyce verlaat voor Cedric met als reactie dat Joyce uit wraak intiem beeldmateriaal verspreid van Helga, dan is Joyce fout, niet Helga. Dit soort dingen gebeurt zo vaak dat zowat iedereen bang is iemand te vertrouwen.

Recentelijk werd er weer een spannend filmpje gedeeld, van een bekende bodybuilder. Dit resulteerde erin dat hij excuses aanbood. Belachelijk, wat is er fout aan geld verdienen met zijn mooie lichaam? En op welke site was de klokkenluider aan het surfen? Het is niet zo dat zulke filmpjes toevallig worden gevonden, op kindvriendelijke sites. Met zijn stijlvolle reactie op het gebeuren, behalve die excuses, heeft hij wederom bewezen ballen te hebben.

Het is gewoon onze krabbenmentaliteit die ervoor zorgt dat we alles dat anders is, of kan worden, zullen afbreken. En bijna alles wat we doen, is uit angst om vrij te zijn of vrij te laten. Wanneer veranderen we?


GEVALLEN ENGELEN (De Ware Tijd, 26 mei 2018)


Treurig. Dat was het weer afgelopen week. Het voelde als een schreeuw van Mama Sranan terwijl haar kinderen elkaar in koelen bloede vermoorden. “Dede, nanga mapangpang!” Hartelozer kan het niet. Ik vraag me af of het echt waar is. Want iemand die zoiets doet, met die woorden, is niet geschikt om agent te zijn. Tevens toont het keihard welke waarde wij hechten aan mensenlevens en de effecten van ons gedrag daarop. Geen...

Enige tijd geleden kreeg ik een verhaal te horen waar mijn oren nog steeds van klapperen. Bij terugdenken voel ik altijd een winti van boosheid omhoog komen. Het weerspiegelt voor mij een vorm van het recht in eigen handen nemen. Dat is een ‘ziektebeeld’ waar veel Surinamers last van hebben. We weten niets maar zijn experts in alles.  We lijken ons alwetender dan de alwetende te wanen. En we geven invulling aan wetten, zowel de menselijke als de goddelijke (en dat is echt erg), zodat het altijd in ons voordeel is. We hebben niet alleen last van klasse-justitie maar ook klasse-religie.

Een vader was bij zijn geestelijk leider gegaan om advies te vragen over hoe om te gaan met zijn lesbische dochter. Het advies schijnt te zijn geweest dat hij zijn plicht moest vervullen, dus een goede vader zijn, door zijn dochter te leren dat sex met mannen prettig was. Hij moest het haar leren door.. zelf met haar naar bed te gaan! Geestelijk leider blijft toch bij uw leest...

Een andere vader had bedacht dat, om zijn zoon te straffen voor zijn vrouwelijke gedrag, hij hem moest laten vechten met zijn oudere, stoere broer. Deze voerde de opdracht van pa uit en sloeg zijn broertje kort en klein. Toen dat niet hielp bedacht vader dat het misschien tijd werd zijn zoon te geven wat hij wilde; als straf: “Na dis yu wani toch? Dan misrefi o gi yu eng!”, wijzend op zijn kruis.

Zoon verkeerde in angst omdat papa het tegengestelde was van de beelden uit de Griekse oudheid. Die geloofden destijds dat het hebben van een grote penis een teken was van domheid, ‘muscles no brains’, en dat schijnt de reden te zijn dat al hun beelden een schattig gereedschapje hebben. Het verhaal van vader twee in acht nemend, zouden ze misschien gelijk kunnen hebben. Eigenlijk is hij geen vader, slechts een verwekker.

Ik heb deze verhalen bijna twee jaar geleden gehoord van een zeer betrouwbare bron. En sindsdien spookt het door mijn hoofd. Dat mensen godvrezend zijn en religie boven alles zetten, is hun respectabele keus, zolang ze maar niet bij mij komen aankloppen. Maar dat zaken als incest en sexueel misbruik worden gezien als medicijn tegen homoseksualiteit is te bizar woorden. Dat het opgevolgd wordt, want dat was het, is onbeschrijflijk.

Het hele verhaal laat mij zien dat het aantal, moreel, gevallen engelen in onze samenleving groeit en niet omdat er meer gays zijn. De vechtende pastor die recentelijk in het nieuws was, sterkt mij in dat gevoel. Sommigen van ons verkondigen lege woorden zonder te weten wat ze betekenen en de impact is. En velen van ons volgen deze lege woorden klakkeloos op. “We preach but don’t practice and when we practice we only remember those parts of the preach we liked.”.

Genezen van homoseksualiteit is overigens iets wat niet kan. Ook al zou het kunnen dan zeker niet door een goede naaibeurt van je vader.  Of je moeder. Ik kan geen een scenario bedenken waarbij het resultaat van zoiets is dat zo een meisje of jongen zegt ‘Wauw, ik heb sex gehad met mijn vader/moeder, ik ben genezen.” Schoenmakers, blijft bij uw leest..


INACTIEVE PARTICIPATIE (De Ware Tijd, 19 mei 2018)


Afgelopen week heb ik mezelf een fotoshoot kado gegeven. De eer mij vast te leggen, was voor een jonge Surinaamse fotograaf. In mijn ogen een van de betere en creatievere fotografen van Suriname. Stiekem ben ik een beetje jaloers op hem. Hij is welbespraakt, ziet er goed uit, heeft een bloedmooie vrouw en even zo mooie kinderen. Wie wil dat nou niet allemaal? En for the record, het is gezonde jaloezie en geen afgunst!

Tijdens de fotosessie raakten we natuurlijk aan de praat. Ik verzuchtte dat, in het geval ik een dochter zou moeten opvoeden in ons land, ik mij elke dag zorgen zou maken. Waarom? Wegens alle dingen die ik om me heen zie. Hoe jonge meisjes door oudere mannen worden verbruikt als ware het wegwerp servies. En als we zeggen jong, dan bedoelen we onder de achttien. Minderjarig dus.

Een paar jaar geleden kwamen drie blauwgehemde scholieres de redactie binnenlopen. Ze hadden wat vragen voor een schoolopdracht en we raakten aan de praat. Een van hen was best kort. “Ik ben 13 jaar maar ik lijk wel 9 jaar. Meneer, kunt u zich voorstellen dat grote autos naast mij stoppen en dat mannen mij schijnen?” Ze zwoor op haar moeders dood dat het zeer regelmatig gebeurde.

De fotograaf was niet verbaasd dit te horen. “Ik heb zelf een dochter van 11 jaar en ook zij maakt dit mee.” Hij zei dat hij zich geen zorgen maakte. “Zolang je een goede vader bent die de juiste opvoeding meegeeft, toch?” Daar zat zeker wat in. Maar mijn zorgen bleven. Ik had namelijk het idee dat zulke mannen niet de ernst inzagen van hun daden.  Een van de meest gehoorde excuses van uitlopende mannen is “Ja, zij bood zich aan.” 

Zijn deze mannen nou zulke slappe excuuspedofielen dat ze hun gram moeten halen bij weerloze kinderen, die denken dat ze volwassen zijn omdat de hormonen door hun lijf gieren?

Dit gebeurt trouwens ook met jongens! De angst voor onbegrip is groter dan bij meisjes dus praten ze er niet over. Zelf heb ik leuke herinneringen aan mijn jeugd in Suriname. Maar ook een paar die mij doen beseffen dat als een van mijn buurvrouwen er niet op tijd bij was ik hetzelfde lot beschoren was. Wat ik me afvraag is wie mij dan serieus zou nemen. Wat ben ik dankbaar dat ik opgroeide in de tijd waarin sociale controle nog bestond en effectief was!

Volwassenen dienen slechts een gids te zijn in het leven van puberende kinderen. Actief participeren in hun seksuele ontdekkingsreis is ongepast en schadelijk op termijn. Laat ze onderling experimenteren want daar is die pubertijd voor. En ja, het gaat gebeuren dat jongens met elkaar experimenteren en meisjes met meisjes. Laat ze lekker. Het overgrote deel van ons heeft dat ook gedaan en we zijn niet allemaal gay geworden.

Ik moet wel zeggen dat als ik erachter zou komen dat een volwassene, man of vrouw!, mijn zoon of dochter had betast, de acties van die zeepiraten kinderspel zouden lijken. Frappant dat sommigen maar oreren over die ene gruwel in hun gods ogen maar dit soort zaken onbesproken laten. Is stilzwijgen goedkeuren? Of zijn kinderen niet in elke groepering van waarde?

Ik was blij met mijn fotosessie en het gesprek met de fotograaf. Het opende mijn ogen en liet zien dat er ook Surinaamse mannen zijn die hun opvoedende taak serieus nemen. Hij snapte ook dat persoonlijk geluk prevaleert boven maatschappelijke normen waarbij de veiligheid van kinderen en pubers van belang is. 

Zulke, wakkere, mannen moeten we echt koesteren. Totdat het normaal is geworden dat ze er zijn!                                                                                                                                      

NO MOEI! (De Ware Tijd, zaterdag 12 mei 2018)


Het hebben van een keuze staat ter discussie, dankzij de Amerikaanse artiest Kanye West. Ik geef de blaaskaak gelijk in zijn controversiele uitspraak. Maar dat hoeft het helemaal niet te zijn. Toegeven dat slavernij een keuze was, ontkracht namelijk het feit niet dat onze voorouders geleden hebben. Het getuigt van kracht als wij nu in staat zijn om te erkennen dat ze, binnen het kader waarin zij konden bewegen, de keuze hebben gemaakt om het systeem van slavernij in stand te houden. Daar is niks mis mee. Om te overleven doe je dat.

Het feit dat het echt een keuze was, bewijst alleen al het bestaan van Marrons. Zij maakten de keuze niet in slavernij te willen leven en ontvluchtten hun gehekelde lot. Andere tot slaaf gemaakten durfden niet de onbekende wildernis in te vluchten dus kozen zij ervoor, met gebogen hoofd, er het beste van te maken. Ik denk dat we ‘slavernij is een keuze’ pijnlijk vinden om te horen omdat het ons met het feit confronteert dat we nog steeds slaven zijn. We zijn slaven van geld (waarvan de waarde overigens ook onze keus is).

Verplicht werken van zeven tot drie, tot aan je 65ste, is ook geen teken van vrijheid. Een veel gehoorde kreet in ons land is, niet voor niets, “Mag ik vrij zijn?!”. We vechten er dus nog steeds voor. Jammergenoeg vergeten we, in het heetst van onze strijd, het mentale aspect waar Bob Marley over zong. De belangrijkste keuze die wij kunnen maken, is het kiezen voor het praktiseren van onze mentale vrijheid en ons niet te laten leiden door ‘zou-moeten’. Bijvoorbeeld: je zou moeten trouwen, met een vrouw, en kinderen krijgen. De keus is altijd aan het individu.

Waarom is het zo moeilijk om individualiteit te waarderen? Kijk maar op social media wanneer mensen hun unieke zelf laten zien. De reacties zijn soms echt klinklare onzin. “Je broek is een legging!” Nou en?  “Een man draagt zoiets niet!” Wie bepaalt dat?! Laat elkaar toch gewoon vrij zijn! Iemand vroeg laatst ook waar ik voor zou kiezen, mijn moeder of Jezus. Resoluut antwoordde ik: ‘Mijn moeder!’. Boos dat hij werd! “Fout, je hoort Jezus te kiezen want die zou je moeder tot leven wekken..” Yeah, right!

Een van de raarste keuzes waarover ik heb gehoord, is om homo of lesbisch te zijn of niet. Er is wel sprake van een keuze maar dat zit anders in elkaar. Wanneer men ontdekt andere gevoelens te hebben dan normaal geacht wordt, kan men er of voor kiezen zichzelf te zijn, dus vrij, of de persoon kiest ervoor om een masker op te zetten en het ware zelf op te sluiten, in de kast. Elke keuze is respect waard maar jezelf zijn, tegen maatschappelijke conditioneringen in, getuigt van moed!

Een andere keuze die bekritiseerd wordt, is van mannen die zichzelf lenen voor transactionele sex met andere mannen. Waarom staat die keus onder vuur? Zijn er niet genoeg mannen die zich lenen voor sex met Hollandse stagiaires zodat ze kunnen profiteren van hun euro’s? Beiden niks mis mee, vind ik. Maar in beide gevallen is er, in mijn beleving, sprake van sexwerk en kunnen we in beide gevallen spreken van mannen die zichzelf prostitueren.

Als ik al iets erg zou vinden dan is het wel optie twee omdat stagiaires ook zwanger kunnen worden. Er zijn genoeg mokkakindjes die alleen met hun Hollandse mama opgroeien. Laat dus de heren bij het beoefenen van transactionele sex sexuele veiligheid en anti-conceptie niet vergeten.
Verder boeit het niet wat iemand met zijn mondje, lontje en kontje doet. 

His body, his choice, no moei!

ROOD (De Ware Tijd, zaterdag 05 mei 2018)


Rood is de kleur van bloed. Van sexualiteit en verleiding. Grappig genoeg, ook de kleur van de brandweer. Daar waar er lust is, moet er natuurlijk ook geblust worden! Rood is tevens de kleur van schaamte. Het is de kleur van verdriet. Het is de kleur van onze zeer gewaardeerde Ingiwinti’s. Het doet me denken aan mijn eigen Mamske!

Zij is een vrouw die voor haar kinderen door het vuur gaat. Of dat altijd zo was? Zeker niet! Dat ik als VWO-er de kunstzinnige kant op wilde, kon ze absoluut niet waarderen. Ik zou alleen gesteund worden als ik dat zou studeren wat haar, en mijn vader,  trots zou maken. Geneeskunde bijvoorbeeld.  Verder was niets goed genoeg.

Tegenhouden deed het mij niet. Ik ging naar de kunstacademie! Daar openden zich nieuwe werelden voor mij. Ik werd herboren.  En mijn uiterlijk veranderde. Tot grote schrik van mijn Mamske. Ze wist niet wat haar gebeurde toen ik op een dag op bezoek kwam met knalrood haar. Brandweerrood!
De volgende dag, weigerde ze naast me te lopen. “Loop maar voor me.” 

Ik denk dat ze eigenlijk wilde zien hoe mensen zouden reageren. Want dat is altijd het eerste waar wij Surinamers aan denken, ongeacht onze etniciteit. “Wat gaan de buren denken?!” Het viel mee en mijn moeder kreeg zelfs rode blosjes op haar wangen vanwege alle complimenten over haar zoons “gewaagde haarkleur maar toch zo mooi!”. Ze bekende het zelf ook wel mooi te vinden.

Het was niet het enige incident waarbij Mamske en ik opnieuw moesten uitvinden hoe met elkaar om te gaan. Vrij snel daarna kreeg ze weer de schrik van haar leven. “Mamske, ik moet je wat zeggen...” Haar blik verraadde dat ze wist wat er zou komen. De verwachte maar gevreesde dag was aangebroken. “Ze gaan zeggen dat ik, als moeder, iets verkeerd heb gedaan.” Ik trooste haar, tevergeefs.

“Ik wil niet dat mensen je anders gaan behandelen. Ik accepteer je zoals je bent, ook al moet ik even wennen ... maar zal de maatschappij dat ook doen?!” Verrast te merken dat dit haar grootste zorg was, kalmeerde ik.

“Mamske, denk je dat het mij kan schelen wat ‘ze’ denken? Ik vertel je dit om te voorkomen dat je tevergeefs wacht op kleinkinderen. Verder zal het mij een worst wezen. Jouw acceptatie is van belang. Dat gaat mij de kracht geven om, ondanks alles, iets goeds te maken van mijn leven!” Haar rode ogen lichtten op bij het besef dat zij, als moeder, nog steeds die impact kon hebben.

“Ik hou van je!” Ze omhelsde me. Het was de eerste keer dat ze dat ooit tegen me had gezegd. Voor mij was het een keerpunt in mijn leven. Haar reactie getuigde van kracht en dat sterkte mij om mijn eigen weg te volgen. Samen gingen we dwars door de heilige huisjes van elk onze tijdsgeest.

In mijn werk als jongerencoach zie ik vaak andere, pijnlijke, scenario’s. Hartverscheurende verhalen van jongeren die verstoten zijn door de ouders. Soms zelfs de hele familie. Lijkt mij dat ze nu wederom, en bewust, voelen hoe de navelstreng wordt doorgeknipt. Pijnlijk, toch?

Er is niets dat het verstoten van jouw eigen vlees en bloed goed kan praten. Je krijgt, als mens, dus ook als ouder, in het leven de lessen die je nodig hebt ter bevordering van jouw groei. Dus, vlucht niet voor het huiswerk maar leer de les.

Mamske vraagt nog steeds naar kleinkinderen, overigens. Ze helpt zelfs meedenken. Draagmoeders, adoptie, inseminatie. Dat deze kleinkinderen gaan komen, zeer gewenst zijn en de beste oma ever zullen hebben, staat als een paal boven water!

EKSI (De Ware Tijd, 13-02-2021)

Eieren zijn een belangrijk onderdeel van ons leven. Het is eigenlijk een basisgoed. Toch fluctueert de prijs constant, tot mijn grote ergern...