De tranen schoten in mijn ogen. Het raakte mij hard. Mijn schouders zakten. Moedeloosheid en verdriet overvielen mij terwijl ik keek naar het virale filmpje van Keedron Bryant. Hij is een twaalfjarige gospelzanger. Loepzuiver zong hij de longen uit zijn lijf. Zijn hart en ziel waren te horen in zijn stem. De pijn was zichtbaar en hoorbaar. Hij zong over het recente geval waarbij er weer eens een zwarte man was gestorven door de handen, beter gezegd knieen, van een witte politieman. Natuurlijk weer in The Land of Dreams, beter gezegd: The Land of Dreams for Waipipo. Het gezang van Keedron deed me denken aan de droevige liederen in black movies uit de jaren zestig die gingen over de rassenongelijkheid in Amerika. Het deed me denken aan Billie Holiday en de triestheid in haar stem. Ook haar was de toegang tot medicijnen ontzegd omdat ze zwart was, met als gevolg haar dood. Overal ter wereld lijkt het een vloek om niet-wit of donkergekleurd te zijn. Ik walg ervan! Wat een onrecht dat zo een jonge vent als Keedron in staat is om te zingen over de pijn van zwart zijn. Onze huidskleur is een jasje dat wij, gekleurde mensen, zouden uittrekken als het kon. Soms, niet altijd! Totdat we het punt bereiken dat wij sterk genoeg zijn om het jasje aan te houden en te accepteren dat er niets mis mee is.
Het is ons eeuwenlang geleerd om niet van
onszelf te houden. Eeuwenlang waren we voorwerpen die werden gebruikt,
verbruikt en misbruikt voor alle grillen van onze meesters. Alles, echt alles,
dat wij nu doen is een resultaat daarvan. En het zijn diezelfde waipipo-meesters van weleer die ons nu
vertellen dat we niet mogen zeuren wanneer we aangeven dat er niet veel is
veranderd. Wij zijn zodanig geconditioneerd dat wij zelfs elkaar aanschouwen
met waipipo-ogen. Die afkeuring, die
walging en vooral die spot. We noemen onszelf nog steeds dogs and bitches en we zijn er trots op. Vaker heb ik het gezegd en
ik herhaal het graag. Mensen die zijn gedehumaniseerd, zoals dat met onze
voorouders is gedaan, zullen in het rehumanisatieproces allereerst weer mens
moeten worden. Je kan niet van -10 naar +10 gaan zonder het nulpunt te passeren
toch? Toch hebben velen van ons dat gedaan. Het overslaan van het nulpunt heeft
een gat achtergelaten dat wij vullen met een vals gevoel van eigenwaarde dat
steunt op de pilaren van materialisme, waipipo-religie
en valse huidskleur-trots.
Ja, dat filmpje heeft echt veel bij mij
losgemaakt. Misschien omdat, net als bij vele anderen, er toch wel een
niet-zo-onderhuidse-angst heerst dat er weer rassenproblematiek zal ontstaan in
Suriname. Dit, nu de fakkel zal worden overgedragen aan een partij waarvan een
deel van de aanhangers niet zo dol zijn op kroes haar en een donkere huid. Sommigen
steken dat niet onder stoelen of banken. “Ze zijn agressief, ze hebben geen
manieren.”, hoor ik regelmatig. In zeven jaar Suriname, heb ik meer racistische
en discriminerende opmerkingen en gedragingen gehoord, gezien en meegemaakt dan in vierentwintig jaar Nederland. Daar heb
ik ook wel het een en ander meegemaakt. Maar het blijft erg om te worden
gediscrimineerd door ‘je eigen mensen’ omdat je anders spreekt, een andere
geaardheid of een andere sociale status hebt. Ik walg ervan dat wij, terwijl wij worden vergruisd
om onze zwarte huid, elkaar stenigen met elke witte zweep die er maar te vinden
is. Daarom zijn wij nog steeds een makkelijke prooi voor de waipipo.
Ik moet toegeven dat er wel wat is veranderd.
Een bijzondere trend is steeds zichtbaarder aan het worden. De waipipo’s zijn er tegenwoordig in
verschillende kleuren. Ze zijn niet alleen maar wit, er zijn genoeg
‘donkerwitte’ waipipo’s. De assimilatie
was daar succesvol. Maar gelukkig zijn er ook mensen van verschillende kleuren
die zich uitspreken tegen het priviliged
waipipo-gedrag. Misschien gaat het in
deze niet langer om de oude strijd tussen blekpipo
en waipipo maar om een hedendaagse,
en toekomstige, strijd tussen het goede en het kwade?
Ik hoop dat de tijd is aangebroken dat we
binnen alle ethniciteiten die Suriname rijk is,de donkere huid niet langer als
een obstakel zien maar als een verrijking. Ik hoop vooral dat wij, als blekpipo, het zelf ook zo gaan zien. We
moeten stoppen met verwachten dat anderen ons accepteren als we onszelf en
elkaar, in alle variaties en kleurgradaties, niet eens geaccepteerd hebben. Tot
dat gebeurt, kunnen we niet effectief de strijd aangaan tegen racisme en
discriminatie, zowel binnenshuis als buitenshuis. Tot die tijd zullen we onze
ziel verkopen aan elke duivel die ons vlijt met ‘jij bent anders dan die andere
zwarten’. We blijven ons dan distantieren van hen die donkerder dan wijzelf
zijn. Zolang dit die leegte blijft
invullen, zijn we gedoemd de eeuwige prooi van de jagers te blijven. Dat gat
dat er is, dat overgeslagen nulpunt, dat is precies waar we het zwakst zijn en
waar we keer op keer geraakt worden.
Ik wens dat we, ooit, gewoon wanpipo zijn.
Onze huidskleuren zijn tijdelijk. Onze zielen
zijn tijdloos.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten