vrijdag 28 augustus 2020

DOTI (De Ware Tijd, 22-08-2020)

Vervuiling is een rode draad in onze huidige samenleving. Vervuiling van religie, spiritualiteit, normen en waarden, politiek, zeden en - het allerergste- het milieu. Dat ik milieuvervuiling het ergste vind, wil niet zeggen dat ik bijvoorbeeld vervuiling van normen en waarden minder erg vind. Echter, het milieu is iets waar wij als mensen onderdeel van en ondergeschikt aan, zijn. Ook al willen we heel graag denken dat we de natuur kunnen overheersen. Ook al laat de natuur ons keer op keer zien dat wij dringend van ons zelfgemaakte voetstuk moeten stappen, omdat we niets waard zijn in het geheel, blijven we ons gedragen als een hardnekkig virus. Eigenlijk vecht de natuur tegen ons zoals ons lichaam vecht tegen virussen die ons ziek maken.

Terecht want zelfs onze acties om de natuur schoon te houden doen we niet uit een besef dat het onze plicht is. We doen het om er aan te kunnen verdienen. Maar geld maakt niet gelukkig. Vooral niet wanneer iemand te weinig verdient of gestigmatiseerd word om het beroep dat deze uitoefent. Ik doel dan op vuilnismannen. Dat terwijl het deze mensen zijn die zich toch wel inspannen om ons woongebied schoon te houden. En laten we niet in ons zelf zeggen dat we iedereen respecteren en dus ook de vuilnismannen. Laten we nadenken over wat we zouden doen als onze dochter, of zoon!, thuiskomt met een nieuwe vlam en deze vertelt dat hij werkzaam is als vuilnisman.... Vaak hebben we onze mond vol over bepaalde zaken totdat ze ineens voor onze huisdeur staan!

Verder heeft de branche toch wel wat verbeterpunten. Dat heeft te maken met de manier van managen. In mijn eigen buurt weet ik nooit hoe laat de vuilniswagen komt. Soms is het in de avond, soms is het in de middag. Beter zou zijn als dus het vuil op vaste dagen, op vaste tijdstippen opgehaald kan worden. Jaja, dat zal op papier heus wel zo zijn maar hey, we weten allemaal dat naleven van regels en protocollen niet onze sterkste kant is...

Wat ook nog onhandig is, is dat het vuil per district in een andere kleur zak moet. Bij ons in de buurt moet het in normale zwarte vuilniszakken. Deze zijn in verschilende prijsklassen te vinden maar goedkoop vind ik ze niet. Ik heb altijd de gewoonte gehad om de plastic tasjes die ik bij de supermarkt mee kreeg, te gebruiken als vuilniszak. Maar dat mag dus niet. En ook al weiger ik regelmatig die zakken in de winkel, heb ik nog steeds een flinke hoeveelheid die ik met mijn huisvuil in een zwarte vuilniszak prop. Het plastic probleem is dus niet opgelost. Het is slechts lichtelijk verminderd.

Afvalverwerking laat ook wat te wensen. Wordt er wel gesorteerd? Of gaat alles direct vanuit de vuilniskar in de oven of de dumpplaats? Krijgen we allerlei gassen in onze lucht? Bevuilen we ons grondwater met allerlei stoffen die lekken uit batterijen, oude koelkasten, etc. Zouden we de vuilverbrandingsoven kunnen inzetten om energie op te wekken? Of als mest? Ik heb gelezen dat bijvoorbeeld ons menselijk afval, poep dus, twee wekelijks in de Surinamerivier gedumpt wordt. Ik weet nog dat men vroeger walgde van het idee dat Inheemsen in de oude tijd en andere landen in de moderne tijd, menselijk afval gebruiken als mest. Raar dat niemand opsprong om hetzelfde te doen toen bleek dat onze Surinamerivier eigenlijk een open riool is waarin wij zwemmen en vissen vangen voor culinair genot.

Fysieke vervuiling is gevaarlijk. Maar mentale vervuiling is nog gevaarlijker. Het zorgt ervoor dat fysieke vervuiling ontstaat en in stand gehouden wordt. Afgelopen periode zijn we daar met zijn allen getuige van geweest. Vijf moorden in een week. Vijf gruwelijke moorden die tonen dat er ergens iets is misgegaan. Of is dit gewoon het nieuwe normaal? Mensen veranderen. Hun normen en waarden dus ook. Idem hun wereldbeeld. Wie weet ziet de nieuwe generatie ons als vervuild en is het straks hartstikke normaal om een partner die jou niet meer wilt, te vermoorden of, onder goedkeurend oog van tientallen toeschouwers, finaal tot moes te trappen. Is het normaal de oudsten van jouw dorp te doden omdat deze je corrigerend heeft toegesproken.

Deze verharding is trouwens niet alleen in Suriname gaande. Het is globaal en ik weet echt niet meer of het een probleem is, of niet. Zucht... Was er maar een afvalverwerkingssysteem voor onze mentale vervuiling zodat deze ook wekelijks aangepakt kon worden!

VERSTAN (De Ware Tijd, 08-08-2020)

Het zwarte bewustzijn is globaal aan het ontwaken. Overal ter wereld zijn er protesten gevoerd of nog steeds gaande. De moord van George Floyd heeft wereldwijd een domino-effect gehad. Overal behalve in ons “gezegende” land. Hier bij ons waren er slechts een tiental stemmen. Sterker nog, mijn eigen pogingen solidariteit te tonen, middels mijn profielfoto op social media, werden afgekapt. “Daar is in Suriname toch geen sprake van?!”. Het tegendeel is waar. Die reactie toont dat. Waar niet-witte personen, die woonachtig zijn in witte landen, continu moeten aanhoren dat ze niet gevoelig moeten zijn of dat het maar een grapje is, moeten donkere gekleurde mensen in Suriname bijna datzelfde aanhoren van onze lichtgekleurde broeders en zusters. Ik vind dat we uit de droom moeten ontwaken dat racisme en discriminatie niet voorkomen in Suriname. Ik vind zelfs dat we moeten accepteren dat wij een racistische nachtmerrie van een volk zijn dat er niet voor schroomt om keihard te discrimineren. 

Discrimineren doen we op basis van sociale status, politieke kleur, geslacht, etniciteit, seksuele geaardheid, religie en huidskleur. Colorism is een globaal fenomeen waarbij we allemaal de koloniale waardebepalende gradaties van onze huidskleur in stand houden. Hoe dichter bij het witte, hoe mooier. Zelfs tussen bloedverwanten kan dit een obstakel vormen voor een liefdevolle relatie. Vroeger deden witte mensen onderling dat ook, hoor. Wie door de zon gebruind was of er een rode nek van had, was een redneck of een boer. Die persoon was dus ondergeschikt aan de mensen die hun witte gelaat hadden behouden omdat ze niet hoefden te werken in de zon.In China geldt dit bijvoorbeeld nog steeds. Daar verkoopt men zelfs speciale armkousen die de armen beschermen tegen de zon en heeft men paraplu’s tegen de zon en de regen. Ook in India speelt een witte huidskleur een belangrijke rol.

We zijn allemaal bekend met de bleaching cremes die ook in Suriname worden aangeprezen als zeer effectief voor het krijgen van een krin skin. Die foto’s van zwarte oksels of ellebogen overtuigen mij er echt niet van dat het alleen daarvoor bedoelt is. Dit zag ik voorbij komen, op social media, in de maand Juni van het jaart 2020... in Suriname. Over discriminatie op religieuze basis hoef ik niet veel te zeggen. We weten allemaal uit welke hoek we regelmatig haatzaaiende en stigmatiserende oproepen te verduren krijgen. Het is wel apart dat er uit religieuze hoek laatst nog werd opgeroepen tot het verbeteren van het imago van de overheid. Vinger en balk verhaal!  En de politiek die niet etnisch zegt te zijn... Laat ik maar een kopje thee gaan drinken!

Laatst had ik een bijzonder gesprek met een lichtgekleurde Creoolse man. Een redinengre zoals we dat keurig benoemen in het niet-racistische Suriname. Hij vertelde me dat hij was opgelicht door een goede vriend van hem. “En weet je, san hati mi ekte ekte?! Dat die man gewoon het werk aan een neger heeft gegeven. Gewoon een zwarte boven mij verkozen!!!”, zei hij vol ongeloof, wijzend naar zijn arm, zijn lichte huidskleur benadrukkend. Dit gesprek was in de maand April van het jaar 2020... In Suriname. Wat ik moest zeggen, weet ik niet. Ik keek hem aan en vroeg me af of hij had gezien dat ook ik donkerder was dan hij was.

Ik ben ook weleens verrast tijdens een familie-bezoek. Ze woonden op boiti en mijn tantes gezicht lichtte op toen ze me zag aankomen. “Ai, boy, mi firi bun dat yu kon luku mi. Want je had dat niet hoeven doen.” Verbaasd vroeg ik waarom ze dat zo zei. Het kwam erop neer dat zij ervan uit was gegaan dat ik mijzelf hoger plaatste op de sociale ladder omdat zij zwart was en ik bruin. Mijn hart brak en mijn maag keerde zich om toen ze zei: “Ja, hoe je het ook went of keert, jij bent van de stad, yu go na P’tata. Wij zijn toch maar negers.” Bij dat laatste boog ze haar hoofd. Even zag ik een flits waarin we op een plantage stonden. Ik de huisslaaf, zij de veldslavin. Pijnlijk. Dit gesprek vond plaatst in de maand November  van het jaar 2013.. in Suriname.

Overal ter wereld streeft men naar inclusiviteit. Dat lijkt ons Surinaamse verstand nog te boven te gaan. We hebben een transgender het land uitgepest omdat we weigerden haar te begrijpen, mee te werken aan haar geluk en haar bestaansrecht te respecteren. We zijn selectief in het toepassen van recht waarbij we hard schreeuwen om de dood als het een Kwasi betreft maar stil zijn als het gaat om een Rakesh. We willen de arme hosselaar straffen maar bij de rijke hosselaar kijken we als bobo’s toe hoe die ons het brood van de plank rooft. Onze berichtgeving in de media is stigmatiserend en discriminerend wanneer het gaat om LGBT-gerelateerde zaken. Zonder schaamte publiceren we oproepen voor huurders met de tekst ‘alleen Hindoestanen of Javanen’.  Oh en dat ding tussen boiti-koelies en foto-koelies, businengres en fotonengres ... moet ik daar nog over uitwijden? Of de liefdevolle manier waarop we met onze diaspora omgaan? Of met de Surinaamse Nederlanders die hier wonen? Of hoe we de bakra’s in Suriname op een voetstuk plaatsen.. nog steeds. We sluiten onze ogen voor ons racistische verleden omdat we er slachtoffer van waren maar juist daardoor houden we die zelfde structuren nog vast. Eigenlijk zijn we dader en slachtoffer met alle gevolgen van dien.

Een deel van ons haalt er nog steeds eigenwaarde uit om zichzelf gangster, thug, dog, dagu, motyo, niggah, ghetto king en wat voor denigrerende benamingen ook, te noemen. Vroeger moesten we dat doen om nog een bepaalde vorm van trots te behouden. Daarom wisten we van onze koto’s een statige kotomisi te maken! Nu kunnen we meer zijn dan we destijds konden en toch kiezen we ervoor op datzelfde niveau verder te gaan? A blaka verstan e gro na grontapu maar in Suriname is dat de enige curve die wij met succes geflattened hebben en houden.

STIEFMEIER (De Ware Tijd, 25-07-2020)

Brakibrukibrikidalla brikikaramidalla kikopikidalla brakokribakrebodalla. Sorry, ik kreeg een boodschap binnen! Wat er werd gezegd? Dat weet ik niet. Ik zal het even moeten stiefmeieren om te kijken of ik het zodanig naar jullie kan brengen dat ik er een slaatje uit kan slaan. Een Amerikaans slaatje! Stiefmeieren is wel een kunst, moet ik zeggen. Het vergt Sahara-ogen, zo droog moeten ze zijn. En de persoon die stiefmeiert moet de kunst van het manipuleren beheersen. Zo goed, dat er altijd een groep mensen zal zijn die, ondanks herhaaldelijk door de mand vallen, nog steeds denken dat stiefmeieren hetzelfde is als de waarheid prediken.

Het is mij opgevallen dat er mensen zijn die het stiefmeieren goed praten. Voor mij was dat het moment waarop ik aan mezelf ging twijfelen. Best stom. Ik weet dat ik niet gek ben maar alle wijsheid in pacht heb ik niet en dat pretendeer ik ook niet. Wellicht is er een ongeschreven regel die bepaalt dat men oplichters hun gang moet laten gaan omdat de slachtoffers er zelf voor kiezen. Maar waarom pakken we mensen wel op als ze anderen zover krijgen dat ze geld storten voor een of andere vage wallet? Die mensen hebben zich toch ook uit vrije wil laten oplichten?

Ik vind het pijnlijk dat religie, die eigenlijk een spirituele verlichting zou moeten bieden, gebruikt wordt om mensen een schuldgevoel aan te praten en eigenlijk niets anders is geworden dan een commerciele maar niet belastingplichtige activiteit. Geven moeten we doen vanuit een gevoel dat we het willen en niet omdat we verwachten dat we er meer voor terug gaan krijgen. Dus wanneer een voorganger, een zuivere, zijn gemeente oproept om te geven, is daar niets mis mee. Het is pas erg wanneer de voorganger aangeeft dat de giften, of het zaad(wanneer een stiefmeier dit zegt, denk ik alleen aan onschuldige meisjes en jongens die se... nouja..), op zijn persoonlijke rekening gestort moeten worden. Het is pas erg wanneer deze voorganger er nog een les cambio-koersen bij verzorgd.

Waarom kan de gemeente niet storten bij instanties die het geld echt nodig hebben om anderen te verzorgen? Bijvoorbeeld het dierenasiel, de Paramaribo Zoo, Huize Betheljada, eigenlijk alle officiele opvanghuizen voor kinderen, vrouwen en een ieder die behoeftig is. Waarom is dat niet gevraagd?! Gelukkig zijn er genoeg mensen die zonder tussenkomst van een voorganger wel tot zulks in staat zijn. Anders was het helemaal een drama voor al die tehuizen die elk jaar weer te kampen hebben met tekorten, onder andere door late stortingen van subsidies. Toch word ik daar niet zo blij van omdat er anderzijds genoeg mensen zijn die dus de bewuste keuze maken, geleid door de belofte dat ze er meer voor terug zullen krijgen, een enkele man, een stiefmeier!, te helpen in plaats van het geld te besteden aan de delen van de samenleving waar het echt pijn doet?

Het is misschien weer teveel focussen op het negatieve maar ik zie gewoon echt niet in waarom een persoon die geld ophaalt voor een wallet of een piramidespel, ook de belofte doet van meer terugkrijgen dan de inzet, wel strafbaar bezig is maar dat stiefmeieren wel door de beugel kan? Soms vraag ik mij af waar de grens legt tussen een sekte en een gemeente en wanneer zoiets dan strafbaar is. Ik vraag me vaker af wat er mis is met mensen zoals ik die elke dag vechten om goed te blijven doen, en te denken, terwijl anderen die zich hullen in negativiteit en daar, ongeschonden, succesvol mee zijn. Zou ik dat willen? Nee, niet op de manier zoals zij dat doen.

Kijk, ooit heb ik sales werk gedaan. Abonnementen verkopen. En er zijn trucjes voor. Niets is zo makkelijk te manipuleren als de menselijke geest. Het is zelfs mogelijk om de eigen hersenen te manipuleren. Er zijn van die sales trucjes die ik heb leren toepassen. Deze zijn bijvoorbeeld zelf het gewenste antwoord geven op een vraag. Een andere is mensen in de ja-modus krijgen. Zodra we drie keer ja hebben geantwoord op een vraag is de kans groot dat we op alles daarna ook ja zeggen. En wist je dat wanneer ik jou een vraag stel en ik, zonder iets te zeggen, ja knik (of nee schud), de kans heel groot is dat jij dat antwoord uitspreekt. Weet je hoe je mensen ook nog meer kan manipuleren? Door continu de vinger op de zere plek te drukken. Inspelen op hun onzekerheden. Bah! Ga met deze kennis nog maar een keer kijken naar de oproep tot het planten van zaad.

Lang heb ik niet gewerkt in de sales. Ik sliep er niet goed van en ik wilde niet mijn geld verdienen door anderen in de schulden te helpen. Dus ik vind het wel knap dat een stiefmeier in staat is zonder slapeloze nachten door het leven te gaan. Het Boeddhisme heeft me ook geleerd om het negatieve omarmen en te overspoelen met liefde. Dus bij deze aan alle stiefmeiers van de wereld: soso lobi voor jullie als mens maar jullie daad, die keuren wij ten zeerste af...

 

 

 

 

GREAT (De Ware Tijd, 18-07-2020)

In de afgelopen weken heb ik moeten accepteren dat ik zichtbaar ouder word. Vroeger was ik daar bijzonder bang voor. De nachten voor mijn dertigste en veertigste verjaardag waren zelfs geen fijne nachten. Wakker liggen en piekeren. Ik heb na mijn vijf en twintigste nooit meer een owru yari gevierd. Destijds vond ik het geen reden om te vieren dat ik ouder werd. Tegenwoordig wil ik mijn verjaardag niet vieren omdat ik geen zin heb in al dat geregel. Het is nu zo dat ik op mijn verjaardag exact dat doe wat ik wil, bij voorkeur alleen. Maar, wat men altijd zegt blijkt waar. Het leven begint na je veertigste. Nu ben ik drie en veertig jaar en ik heb het gevoel dat er echt een last van mijn schouders is gevallen. De last van het jong zijn? Zou kunnen. Wanneer we jong zijn, zijn we onrustig en hebben we vele onzekerheden. Bij het ouder worden ontstaat er een soort onverstoorbare rust.

Weinig dat mensen zeggen, raakt mij nog. En hetgeen, zoals sommige uitspraken van anderen, dat nog wel raakt, daar ga ik nu anders mee om. Daarnaast zijn er andere dingen waar ik tegenwoordig blij van word. Zoals mijn recent afgesloten krantenabonnement. Wanneer ik dan terug kom van de sportschool maakt mijn hart echt een sprongetje van geluk als het krantje dan zie liggen op mijn balkon. Gelukzalige beelden van mijzelf met een lekkere kop koffie, in de zon, het krantje lezend, schieten dan voorbij mijn geestesoog. Het is een van die ‘ouwemensen’-dingen die ik mezelf vroeger echt niet zag doen. Boy, wat heb ik als tiener mijn ooms en tantes op hun veertigste uitgelachen!! “Jullie zijn oud, whuahhaa!!!”. Jong zijn is leuk maar heeft ook zijn eigenaardigheden.

Zo werkte ik met een dame wiens zoontje altijd met mijn buik wilde spelen. Hij kwam dan, bij het ophalen van zijn moeder, direct op mij af rennen en greep naar mijn buik, kneep erin of aaide het. Het irriteerde mij. Dat kwam omdat op dat moment mijn buik voor mezelf een punt van ergernis was. Ik wilde afvallen maar koos er voor om nog te genieten van het lekkere eten dat ik gedurende mijn tijd in het buitenland heb moeten missen. Op een dag kwam het zoontje van collega weer het kantoor binnen. Omdat het een kind was, toonde ik geen irritatie. Maar van binnen mi fesi ben span kaba!

Het jongetje rende op mij af. Pakte mijn buik vast en keek me aan. “U bent zo lief. Wilt u alstublieft mijn vader zijn?” Voor ik iets kon zeggen, stond zijn moeder erbij. Ze schaamde zich rot maar ik lachte haar schaamte weg. Ik verzweeg dat ik mij van binnen nog meer schaamde vanwege mijn oppervlakkige gedachtes. Al die tijd toonde die jongen affectie en ik was me alleen maar druk aan het maken om het feit dat hij mijn te dikke  buik aanraakte. Terwijl kinderen intuitief zijn en zoiets nooit zouden doen bij een ‘slecht’persoon. Het was eigenlijk een groots compliment dat ik al die keren kreeg maar niet zag omdat ik werd verblind door mijn onzekerheid.

Nu zou zoiets mij niet meer zo erg raken. Dat is het fijne van ouder worden. We worden er veel beter in om onszelf en mensen om ons heen op waarde in te schatten. Wat ik ook heb gemerkt, is dat wij zelf verantwoordelijk zijn voor de wereld en onze omgeving. Wij creeren die. Elke creatie begint met een gedachte. Mijn nieuwe focus is ‘mooi oud worden’ en nog meer kilo’s kwijt raken. Overgewicht zie ik als mentale bagage die wij meedragen en niet willen loslaten. Naarmate ik ouder word, laat ik steeds meer los. Daar horen mensen bij maar ook achterhaalde gedachtes en maatschappelijke conditioneringen.

Ik bedenk me ineens dat ik was begonnen met schrijven over mijn krantenabonnement. Dat ik wilde vertellen over mijn ergernissen bij het lezen van sommige stukken. Mijn innerlijk wilde anders. Logisch. Waarom zou ik focussen op dat wat mij niet gelukkig maakt? Het negatieve hoor er wel bij. Geen licht zonder duisternis toch? Ik zal dus toch vertellen waar ik mij aan ergerde. Dat was onder andere de foto van een groepje mensen die de tekst Make Suriname Great Again op een spandoek hadden gegooid om de nieuwe president geluk toe te wensen. Sowieso walgde ik van het feit dat dit een herhaling van de Trump-slogan was en dat Amerika er echt niet greater op was geworden. Het gaat zelfs met de billen bloot op het moment met al het racisme dat lang verborgen werd. Verborgen, getolereerd en geaccepteerd door zowel daders als slachtoffers.

Ik ergerde mij aan het woord Again. Het suggereert dat iets al eerder zo was en dat we het terug willen. Ten tweede ergerde ik mij aan de suggestie dat Suriname ooit  great was. Ik hoor mijn oma’s stem: “Da oten Suriname ben deh great, baja?!”. Dat is niet lullig bedoelt. We moeten gewoon weten en accepteren waar we staan. Wij zijn een land dat, net als ik, pas de veertig is gepasseerd en nu pas volwassen aan het worden is. Ik kan niet terug naar die onbezonnen tijd waarin ik een platte buik had en een gezicht dat, ondanks flink wat alcoholgebruik, met slechts drie uur slaap weer straalde als het zonnetje in huis. Dat zou niet eens meer willen of kunnen. Waarom willen sommigen van ons terug het Surinaamse verleden in? Is blijven hangen in het verleden een goede motivatie voor een gezonde toekomst?

 

ONZE (De Ware Tijd, 11-07-2020)

Joepie de poepie!!!! Dat ging er door mij heen toen ik te horen kreeg dat de sportscholen weer open mochten. Eindelijk mocht ik weer verder werken aan mijn gezondheid, op een manier waarop ik dat prettig vind. Wat heb ik mij, in stilte, verschrikkelijk gevoeld. Op het moment dat de sportscholen hun deuren sloten, voelde ik mij echt veroordeeld tot de gevangenis. Helemaal omdat ik in plaats daarvan op mijn terras achter dievenijzer heb getraind. Ineens was ik 22 uur, soms 24, per dag in huis. Niet dat ik die acht-urige werkdagen zo mistte. Als kiespijn, ja. Wat ik echt miste, was de mogelijkheid naar eigen behoefte uit huis te gaan.  Het werd nog erger toen we op alfabetische volgorde ‘naar buiten’ mochten en ik dus alleen op zaterdag boodschappen kon doen. Weet je hoe frustrerend het was om op zaterdag dan in lange rijen te moeten staan en in de file te zitten omdat de B-tjes, de K-tjes en D-tjes ook vrolijk en consequentievrij rondhuppelden en rondreden? En nog erom giechelen ook! De een: “Oh, eigenlijk mag ik niet buiten zijn maar ik werd gek thuis mang(giechel, giechel).” De ander: “Oh, ai ik ook niet hoor. Ik heb gisteren al mijn boodschappen gedaan maar ik wilde naar buiten. Maar, ssssst, hoor!(giechel giechel)”. Leeftijd? Beiden waren ruuuuuuim de veertig gepasseerd. Ondertussen klagen we over ‘de jeugd van nu’ maar wat willen we als bigibigi sma’s zich zo kinderachtig gedragen?! Goed, de alfabet-ellende is nu voorbij en ik hoop dat het niet tijdelijk is.

Ik heb namelijk de kans gegrepen om een nieuwe sportschool tezoeken. Het is belangrijk dat het de juiste faciliteiten heeft omdat ik gewend ben zes ochtenden per week te sporten en er dus veel tijd doorbreng.. Gelukkig heb ik er eentje gevonden! Mi mama, ik ben zo blij verrast met mijn nieuwe fitnessfabriek. Het is net een futuristische oase van gezondheid met veel ruimte, goede ventilatie en goede klantenservice. Een toegangspas? Die is er niet. Nee, nee, we hebben een QR-code die bij de ingang gescand wordt! Verder heeft deze sportschool een geheel eigen applicatie voor de smartphone ontwikkeld waarin niet alleen al jouw statistieken worden bijgehouden maar waarin je ook een tijd moet reserveren om te gaan sporten. Alles is er geregeld om te kunnen opereren in het ‘nieuwe normaal’. En, nog belangrijker, alles is geregeld ten gunste van de klant!

Waarom zeg ik dat zo specifiek? Omdat ik even wil sneren naar die commerciele banken die een paar maanden geleden, vonden dat ze moesten strijden tegen de valutawet ten behoeve van de gemeenschap. Ja ja, diezelfde gemeenschap die zij nu duperen ten gunste van hun personeel. Ja ja, want hetzelfde personeel dat eigenlijk negen van de tien keer al achter een glazen balie zit moet extra beschermd worden. Het personeel dat pinautomaten aanvult moet beschermd worden tegen al die mensen die over de gewapende begeleiders heen over ze heen gaan hoesten. Ja ja, die gemeenschap is mij een gevaarlijke, zeg! Daarom moeten we buiten, in de hitte, urenlang in de rij staan of de hele stad afrijden om een volle pinautomaat te vinden. Oja, en mensen die iets willen aflossen moeten nu bijvoorbeeld drie keer naar buiten om te pinnen zodat ze een betaling kunnen voldoen. Want, tja, hoe graag we het ook willen, niet alles is nog digitaal.

Maar genoeg gezeurd over die banken. Sinds die schijnheilige vertoning schaar ik ze onder de noemer ‘noodzakelijk kwaad’. Ik dwaal af omdat de banken mij enorm irriteren met ... ok, focussen, Monsieur Jeanette: gyms! Die zijn weer open, joepiedepoepie. En belangrijk! Niet alleen voor de lichamelijke gezondheid. Ook het mentale welzijn heeft baat bij regelmatig sporten. De andere fanaten snappen mij. De endorfinen, de energie, de plattere buik, de grotere spieren en het groeiende gevoel van geluk. Dat gun ik iedereen. Ik denk zelfs dat het nodig is om alle Surinamers aan het bewegen te krijgen. Hoe wil je een land voorwaarts stuwen als het grootste gedeelte van de bevolking niet vooruit te branden is omdat het te log en te zwaar is door overgewicht en daaruit voortvloeiende gezondheidsproblemen?

Weet je wat ik denk? Dat verzekeringsmaatschappijen, het andere ‘noodzakelijke kwaad’, de samenleving moet stimuleren meer te gaan bewegen. Laat ze alle mensen die zich inschrijven bij sportscholen, en aantoonbaar actief zijn aldaar, een mooie korting op de polis geven. Het zal ertoe leiden dat meer mensen gaan sporten en dus gezonder worden waardoor ze minder aan ziektekosten hoeven uit te keren. Minder uitgeven, is meer winst en dat is waar het in de verzekeringsbranche om draait. Nu kan het op een manier waarop er waarde wordt gecreerd in de samenleving. Wat die waarde is? Gezonde, lekkere mensen die allemaal fit, gelukkig en lenig zijn. Gelukkigere mensen maken betere keuzes en dat komt het land alleen maar ten goede!

Ey, maar ff, hou ze wel uit de buurt van ‘onze’ van de belastingdienst! Anders zitten ze om de haverklap bij dat clowneske fastfoodrestaurant zich vol te proppen met junkfood. Onsportief gedrag!

GEWELD-IG (De Ware Tijd, 27-06-2020)

Er is alweer een vrouw vermoord door haar mannelijke ex-partner. Volgens de verhalen heeft hij het gedaan met haar dienstwapen. Het vastgeroeste geluid van die vastgelopen elpee klinkt weer door de wandelgangen. “Stop geweld tegen vrouwen!!”. Ergens in de verte klinkt een andere stem. “Stop geweld!”. Met die stem ben ik het eens. Geweld is altijd verkeerd. Niet alleen als het tegen vrouwen is gericht. Het is een van de laagste vormen van communiceren wat mij betreft. Zoals ik het zie, komt geweld voort uit een gebrek aan kennis hoe zaken anders op te lossen en het ontbreken van zelfbeheersing.

Het beheersen van de eigen emoties is niet makkelijk en daarom vind ik dat het van bijzondere kracht getuigt wanneer een persoon zichzelf onder controle kan houden. In dit recente geval betreft het een bodybuilder die dat niet kon en met zijn actie jammergenoeg het vooroordeel ‘muscles no brains’ bevestigd. Hoewel, is dat wel echt zo? Op social media zag ik wat berichten voorbijkomen. Ondanks mijn steeds groeiende afkeer van social media moet ik toegeven dat het nog steeds handig  is, zolang men er maar niet teveel mee bezig is. Daar werden natuurlijk weer screenshots en zelfs voicemessages gedeeld. Hoe men aan die informatie komt, is mij een raadsel.

Het meest bizarre was dat de spierbundel tegen iemand zei dat hetgeen er gebeurt was door het slachtoffer zelf was gezocht. Hiermee schuift hij de verantwoordelijkheid van zijn daden op haar af. Het zal me niet verbazen als hij binnenkort ook nog zal verklaren dat het Satan of boze geesten waren die hem tot zijn daad hebben gedreven. Of misschien wel amnestie vragen omdat hij, net zoals die andere idioot van Geyersvlijt, zich wil richten op de opvoeding van zijn kinderen. Het maakt me gewoon boos omdat de kinderen van deze vrouw nu moederloos opgroeien en op jonge leeftijd met zulks bruuts geconfronteerd worden. Helemaal nu de bittere waarheid voor iedereen, en dus ook voor hen, overal en tot in detail op social media te lezen is.

Ik zou, aan de andere kant, toch echt wel wensen dat mensen die deze berichten delen, beseffen dat ze de naasten en kinderen van het slachtoffer ook hieraan blootstellen. Misschien kunnen richtlijnen voor burgerjournalistiek helpen? Ik denk dat dit een branche kan worden, of al is, waar wij niet meer omheen kunnen. Sommige kranten maken er gretig gebruik van maar alle burgers hebben ook eigen kanalen waar zij content op sharen. En omdat dit niet meer tegengehouden kan worden, zou een ethische code, gelijkend op de code van Bordeaux voor journalisten, in het leven moeten worden geroepen. Misschien zou hetzelfde, tijdelijk, gedaan moeten worden voor vrouwen?

Een speciale code of conduct uitwerken die aspecten, zoals opvoeding en partnerkeuze, bespreekt en nieuwe richtlijnen biedt. Ik wil hiermee niet de schuld bij de vrouwen leggen maar er wel stilstaan dat het opvoeden van kinderen een traditionele vrouwentaak is geweest. Waarom hebben wij onze zonen zodanig opgevoed dat zij het normaal vinden om vrouwen als objecten te behandelen? Kan dat wel zo gesteld worden, vraag ik me af? Waarom hebben wij onze dochters zo opgevoed dat zij het normaal vinden klappen te vangen van hun partner? Waarom houden wij tijdens de opvoeding zelf de genderollen in stand die de onderschiktheid van de vrouw stimuleert?

Waarom houden we zelf deze vicieuze cirkel van geweld in stand? Het geldt voor verbaal, fysiek, mentaal en financieel geweld. Ik heb het dan niet alleen over Suriname maar over ons als soort. Maar we kunnen wel onszelf als voorbeeld gebruiken. Kijk, zelfs onze aanpak voor covid19 stoelt op geweld. Kowfet’covid! Geweld vinden we terug in onze aanpak. Zelfs het waken voor onze eigen gezondheid moet middels financieel geweld in de vorm van bekeuringen gestimuleerd worden. Voor velen van ons dan. Geweld is doorspekt in alles wat wij doen. Zelfs religie stoelt op geweld en is een vorm van geestelijke mishandeling.

De rol van en de vrouw is lang onderdrukt geweest. Vrouwen van kleur hebben het nog slechter gehad. Om te kunnen overleven in een mannenwereld moest de vrouw onzichtbaar zijn, dienen of erboven uitstijgen en zich sterker tonen dan de man. Een oude werkgever, een Iraanse immigrant in Nederland, zei ooit tegen mij dat hij de revolutie van vrouwen toejuichte. “Ik vind het alleen jammer dat vrouwen denken dat zij hun vrouwelijkheid opzij moeten schuiven en net als mannen moeten worden om succesvol te zijn.” Het zette mij aan het nadenken. Ja, ik had gezien dat vrouwen in hoge functies zich vaak in van mannen afgeleide kleding gingen hullen. Een vorm van overcompenseren?

We hebben altijd geleerd dat the big bang, zoals die plaatsvindt in de baarmoeder, tot stand kwam als het snelste zaadcelletje de eicel bereikt had. Het vrouwelijke ligt daar dus als een statisch iets te wachten tot het mannelijke komt om het leven te schenken. Recent onderzoek heeft uitgewezen dat dit anders in elkaar zit. De eicel is leidend hierin en scheidt stoffen af die helpen het juiste zaadje te selecteren. Dat wil zeggen dat snelle kandidaten ook worden afgewezen net zolang tot de juiste zich aandient. De vrouwen bepalen dus op microniveau het spel. Tijd om dit op macroniveau ook te gaan doen. Laten we onze kinderen opvoeden voor de toekomst en NIET voor het verleden. Moeilijk, maar die mindshift is nodig. Anders moeten we geweld gebruiken om geweld uit te bannen en dat is absoluut niet geweldig!

Die opmerking van mijn oude werkgever is mij wel bijgebleven. Het vrouwelijke moet er zijn. In elk van ons. Net zoals dat het mannelijke er ook in elk van ons moet zijn. Als die twee in balans zijn, hebben we al veel goed gemaakt. Echter zijn we daar nog lang niet. We zijn nu nog middenin een maatschappij die haar eigen vrouwelijkheid vernietigd onder toeziend oog van niemand minder dan de vrouw zelf. Het is tijd voor actie. Tijd dat de vrouwen nu moeten opstaan en tegen zichzelf, elkaar, hun zonen en dochters zeggen dat het genoeg is. Taki na basi!

 

Zonder naam (De Ware Tijd, 20-06-2020)

Het vinden van inspiratie blijkt in tijden van niets doen toch wel lastig. Het is woensdag, de tijdelijke eerste zondag van de week, en er zijn geen kranten verschenen. Daar kan ik dus geen inspiratie uit halen. Op social media is er bijzonder veel negativiteit dus dat ontwijk ik maar zoveel als mogelijk. Het is namelijk, vooral nu, zaak om de gedachten positief te houden. Het zijn, geen makkelijke, tijden waarin velen van ons op zichzelf en hun gedachten zijn aangewezen. Anderen hebben het geluk dat zij meer tijd met hun gezin mogen doorbrengen maar het lijkt er soms op dat zij daar helemaal niet blij van worden. Ja, social media juist in deze tijd een bron van ergernis geworden terwijl het voor ontspanning zou kunnen zorgen. Mijn beslissing om daarom helemaal van social media af te gaan, heb ik herzien. Waarom zou ik mezelf straffen? Terwijl ik het ook, net als in het fysieke leven, zodanig in kan richten dat ik er weer wat meer plezier in krijg.

Daarmee begon er voor mij weer een heel proces van zelf-analyse en het evalueren van mijn verschillende social media netwerken. Ik herinnerde mij ineens weer dat ik veel vriendschapsverzoeken kreeg en had geaccepteerd omdat ik actief was in de Surinaamse mainstream media. Mijn redenering was dat mijn social media netwerk een weergave moest zijn van hoe de samenleving waarin ik woonde eruit zag. Zo kon ik peilen wat er gebeurde, of hoe er werd gedacht, in de verschillende lagen van de bevolking. Achteraf gezien, heeft dit goed voor mij gewerkt. Ik ben er nu wel een beetje klaar mee. Ik vind het niet prettig om, bijvoorbeeld, van Lekkere Tuna te lezen dat ze weer een tattoo heeft gezet terwijl ze mij even daarvoor in een privebericht had gevraagd om een bijdrage zodat ze pap voor de baby kon kopen.

Ik werd er niet meer blij van dat ik voor de duizendste keer moest lezen dat Opa Tjokrodisoeto zijn gereedschap nog steeds prima functioneerde, als tekst onder een foto van hem en zijn kinderen. Het was ook frustrerend om continu te moeten lezen dat Rakesh, die visboer is, altijd beter weet dan Ramon, die arts is, hoe een virus aangepakt moet worden. Of dat Sandra haarfijn gaat uitleggen dat we allemaal dom zijn omdat ze op YouTube heeft gezien dat een belastingadviseur heeft ontdekt dat corona een hoax is. Er zijn legio voorbeelden die allemaal even vermoeiend zijn. Ja, ik was en ben social media moe! Misschien ook wel mensenmoe want ons gedrag laat echt belachelijk veel te wensen over. Waarschijnlijk het mijne ook..

Gebaseerd op ons social media gedrag lijken wij een volk dat altijd vooraan de rij staat om zichzelf en haar land af te kraken. We gaan dit zelfs vol trots vertellen in buitenlandse media! Ik heb geprobeerd te begrijpen waarom men als individu naar een buitenlands medium rent om daar te vertellen wat wij in Suriname niet goed doen. Om daar in het buitenland te gaan vertellen hoe het dan wel moet. Staan we er wel bij stil dat wij daarmee niet alleen het land maar ook onszelf als individu voor schut zetten? Als men het zo goed  weet, waarom gaat het dan steeds zo mis in ons land? Die vraag heeft een antwoord. Maar om die goed te kunnen formuleren gaat het heel veel tijd kosten. We gaan dan terug moeten gaan in het verleden. We gaan dan moeten kijken naar het concept van de meester, de basja, de huisslaaf en de veldslaaf. Maar dat zal helaas aan dovemansoren gericht zijn. Nu nog. Want we zijn een beetje traag.

Kijk maar naar de Black Lives Matter beweging die de wereld overgaat. Wij zitten in Suriname nog zo vast in ons koloniale denken dat bijna iedereen het afwimpelde als gezeur en dat dit zich niet voordeed in ons land. Ja, dat is een onpopulaire mening maar het is echt zo dat zelfs de meest ontwikkelden onder ons zich nog niet van dat oude juk hebben ontdaan. Gelukkig komt daar verandering in en begint de BLM-beweging ook hier voet aan de grond te krijgen. Niet alleen bij mensen die zwart zijn maar ook bij hen die geel, bruin of wit zijn. Langzaam maar zeker komen we er wel. We zullen ons, om er te komen, van veel ballast moeten ontdoen. Net zoals ik met mijn social media netwerk.

TYUKUNAME (De Ware Tijd, 06-06-2020)

Het gedrag  van foute politie-agenten over de hele wereld ligt nu onder een vergrootglas. Ook in Suriname, maar om een andere reden: het accepteren van tjoekoe! De reacties op het filmpje waarin te zien is hoe een agent zich laat omkopen om een wagen daar door te laten rijden waar het niet mocht, waren niet te missen. Social media stond vol over het ‘tjoekoebeest’. De reacties waren minder fel toen bekend werd gemaakt dat de tjoekoe-gever ook was opgepakt. Jammer vond ik dat. Eigenlijk had men de passagiers ook moeten oppakken wat mij betreft. Zij hebben toch ook de regels verbroken en de Surinaamse gemeenschap in gevaar gebracht door illegaal de grenzen over te steken? De straffen die zullen worden opgelegd aan de twee tjoekoebeesten mogen ook de passagiers worden opgelegd. Toch ben ik niet zo boos of verontwaardigd hierover. Dat wil niet zeggen dat ik het goedkeur. Ik vind de verontwaardiging hierover slechts hypocriet en struisvogelgedrag.

Dit soort handelingen komen voort uit onvrede. Ze zijn het resultaat van een systeem dat alleen werkt voor een kleine groep mensen, zij die verdienen aan het systeem. Trevor Noah, de bekende TV-persoonlijkheid, legde het onlangs heel goed uit. Hij had het erover dat wij een samenleving moeten beschouwen als een overeenkomst tussen verschillende partijen. Nu blijkt dat deze overeenkomst nadelig blijkt voor een van deze partijen met als gevolg dat deze partij contractbreuk gaat plegen. Omdat de partij die wel baat heeft bij instandhouding van het contract weigert water bij de wijn te doen. Wij eisen dus dat juist de partij, die de samenleving beschermt, ondanks ontevredenheid over de invulling van het afgesloten contract, dit moet blijven doen en nog wel in een positie waarbij zij dienen als ons schild. Ze zetten hun leven op het spel tegen een vergoeding die niet toereikend is om zichzelf en hun gezin te onderhouden. Het is dan logisch dat zij allerlei manieren gaan vinden om het inkomen wel toereikend te maken. Op het moment dat werd aangekondigd dat de grenzen dicht werden gegooid, moet duidelijk zijn geweest dat dit, om meerdere redenen, niet zou werken. Dat heeft niets te maken met de huidige regering omdat dit oneerlijke systeem al langer bestaat en zo is gelaten door een ieder die het had kunnen veranderen.

Politie-agenten zijn belangrijk voor de veiligheid van ons burgers. Zij moeten daarom in goede lichamelijke conditie zijn. Dat wij ook daar al jaren de plank misslaan, blijkt uit de vele rondbuikige agenten die er rondlopen op straat, zowel mannelijk als vrouwelijk. Iedere keer wanneer er weer een nieuwe lichting tevoorschijn komt, die nog lekker strak in het vel zit, zegt men: “Wacht maar, over een paar jaar zijn ook deze uitgezakt.” Dat kan kloppen en het is ook belangrijk dat dit aangepakt wordt. Echter vind ik het mentale aspect nog veel belangrijker. Het ziet er naar uit dat dit genegeerd wordt en veel te weinig aandacht krijgt. Maar een agent moet mentaal ook sterk zijn, toch? Niet alleen omdat hij of zij tegen verleidingen moet kunnen maar ook omdat hij of zij een goed werkend moreel kompas dient te zijn en dan wel bezien vanuit een neutrale positie. Niet vanuit religieuze normen en waarden bijvoorbeeld. Dit zeg ik met nadruk omdat het religieuze aspect in meerdere branches zorgt voor, puur bekeken uit commercieel oogpunt, ‘vervuiling’ van de dienstverlening die objectief en van hoog niveau dient te zijn voor elke dienstvrager, ongeacht status, afkomst, geaardheid of huidskleur.

Maar als je, figuurlijk gezien, helemaal onderaan de loontabel staat, is het logisch dat normen en waarden het onderspit delven wanneer men wappert met buitenlandse valuta die veel waard is. We schelden dus onterecht op hen wanneer zij daaraan toegeven. Zij geven daar slechts aan toe omdat wij al jarenlang toestaan dat zij moeten werken onder ontoereikende omstandigheden. Het is de schuld van ons allemaal. Net zoals dat wij nu de DC op de brandstapel willen leggen omdat zij, schijnt het, iets heeft gedaan wat niet mocht. Maar hebben wij niet al jaren toegestaan dat mensen in voorbeeld functies handelingen plegen die niet mogen? Ik benadruk dat ik wederom niet wijs naar de huidige regering maar het heb over een systeem van gedragingen, in ons land en over de hele wereld. Het is onze cultuur om te mopperen maar er niets tegen te doen totdat het mensenlevens gaat kosten. Zelfs dan zijn we nog selectief in onze verontwaardigheid.

Nee, het is absoluut verkeerd dat de tjoekoe-trein raast door ons land. Maar wij hebben zelf het spoor aangelegd en de trein gefabriceerd. Het is dus onredelijk om een van de vele passagiers aan te vallen en uit te maken voor beest. Want eigenlijk, en dat weten we dondersgoed, zijn we dat allemaal! Allemaal, zijn we tjoekoebeesten. Welkom in Tjoekoename! Of zullen we eindelijk een keer die tjoekoe-trein en het aangelegde spoor buiten werking stellen...?

 

 

PIPO (De Ware Tijd, 30-05-2020)

De tranen schoten in mijn ogen. Het raakte mij hard. Mijn schouders zakten. Moedeloosheid en verdriet overvielen mij terwijl ik keek naar het virale filmpje van Keedron Bryant. Hij is een twaalfjarige gospelzanger. Loepzuiver zong hij de longen uit zijn lijf. Zijn hart en ziel waren te horen in zijn stem. De pijn was zichtbaar en hoorbaar. Hij zong over het recente geval waarbij er weer eens een zwarte man was gestorven door de handen, beter gezegd knieen, van een witte politieman. Natuurlijk weer in The Land of Dreams, beter gezegd: The Land of Dreams for Waipipo. Het gezang van Keedron deed me denken aan de droevige liederen in black movies uit de jaren zestig die gingen over de rassenongelijkheid in Amerika. Het deed me denken aan Billie Holiday en de triestheid in haar stem. Ook haar was de toegang tot medicijnen ontzegd omdat ze zwart was, met als gevolg haar dood. Overal ter wereld lijkt het een vloek om niet-wit of donkergekleurd te zijn. Ik walg ervan! Wat een onrecht dat zo een jonge vent als Keedron in staat is om te zingen over de pijn van zwart zijn. Onze huidskleur is een jasje dat wij, gekleurde mensen, zouden uittrekken als het kon. Soms, niet altijd! Totdat we het punt bereiken dat wij sterk genoeg zijn om het jasje aan te houden en te accepteren dat er niets mis mee is.

Het is ons eeuwenlang geleerd om niet van onszelf te houden. Eeuwenlang waren we voorwerpen die werden gebruikt, verbruikt en misbruikt voor alle grillen van onze meesters. Alles, echt alles, dat wij nu doen is een resultaat daarvan. En het zijn diezelfde waipipo-meesters van weleer die ons nu vertellen dat we niet mogen zeuren wanneer we aangeven dat er niet veel is veranderd. Wij zijn zodanig geconditioneerd dat wij zelfs elkaar aanschouwen met waipipo-ogen. Die afkeuring, die walging en vooral die spot. We noemen onszelf nog steeds dogs and bitches en we zijn er trots op. Vaker heb ik het gezegd en ik herhaal het graag. Mensen die zijn gedehumaniseerd, zoals dat met onze voorouders is gedaan, zullen in het rehumanisatieproces allereerst weer mens moeten worden. Je kan niet van -10 naar +10 gaan zonder het nulpunt te passeren toch? Toch hebben velen van ons dat gedaan. Het overslaan van het nulpunt heeft een gat achtergelaten dat wij vullen met een vals gevoel van eigenwaarde dat steunt op de pilaren van materialisme, waipipo-religie en valse huidskleur-trots.

Ja, dat filmpje heeft echt veel bij mij losgemaakt. Misschien omdat, net als bij vele anderen, er toch wel een niet-zo-onderhuidse-angst heerst dat er weer rassenproblematiek zal ontstaan in Suriname. Dit, nu de fakkel zal worden overgedragen aan een partij waarvan een deel van de aanhangers niet zo dol zijn op kroes haar en een donkere huid. Sommigen steken dat niet onder stoelen of banken. “Ze zijn agressief, ze hebben geen manieren.”, hoor ik regelmatig. In zeven jaar Suriname, heb ik meer racistische en discriminerende opmerkingen en gedragingen gehoord, gezien en meegemaakt  dan in vierentwintig jaar Nederland. Daar heb ik ook wel het een en ander meegemaakt. Maar het blijft erg om te worden gediscrimineerd door ‘je eigen mensen’ omdat je anders spreekt, een andere geaardheid of een andere sociale status hebt.  Ik walg ervan dat wij, terwijl wij worden vergruisd om onze zwarte huid, elkaar stenigen met elke witte zweep die er maar te vinden is. Daarom zijn wij nog steeds een makkelijke prooi voor de waipipo.  

Ik moet toegeven dat er wel wat is veranderd. Een bijzondere trend is steeds zichtbaarder aan het worden. De waipipo’s zijn er tegenwoordig in verschillende kleuren. Ze zijn niet alleen maar wit, er zijn genoeg ‘donkerwitte’ waipipo’s. De assimilatie was daar succesvol. Maar gelukkig zijn er ook mensen van verschillende kleuren die zich uitspreken tegen het priviliged waipipo-gedrag. Misschien gaat het in deze niet langer om de oude strijd tussen blekpipo en waipipo maar om een hedendaagse, en toekomstige, strijd tussen het goede en het kwade?

Ik hoop dat de tijd is aangebroken dat we binnen alle ethniciteiten die Suriname rijk is,de donkere huid niet langer als een obstakel zien maar als een verrijking. Ik hoop vooral dat wij, als blekpipo, het zelf ook zo gaan zien. We moeten stoppen met verwachten dat anderen ons accepteren als we onszelf en elkaar, in alle variaties en kleurgradaties, niet eens geaccepteerd hebben. Tot dat gebeurt, kunnen we niet effectief de strijd aangaan tegen racisme en discriminatie, zowel binnenshuis als buitenshuis. Tot die tijd zullen we onze ziel verkopen aan elke duivel die ons vlijt met ‘jij bent anders dan die andere zwarten’. We blijven ons dan distantieren van hen die donkerder dan wijzelf zijn.  Zolang dit die leegte blijft invullen, zijn we gedoemd de eeuwige prooi van de jagers te blijven. Dat gat dat er is, dat overgeslagen nulpunt, dat is precies waar we het zwakst zijn en waar we keer op keer geraakt worden.  

Ik wens dat we, ooit, gewoon wanpipo zijn.

Onze huidskleuren zijn tijdelijk. Onze zielen zijn tijdloos.

KETI ZWAKI ( De Ware Tijd, 23-05-2020)

Een ketting is net zo sterk als haar zwakste schakel, zegt men. Een zwakke schakel is al genoeg om de ketting te doen breken. Ik denk dat dit ook geldt voor een gezin of een maatschappij. Dit bedacht ik toen ik afgelopen week weer ‘nee’ schudde toen eeen persoon mij aansprak om een kleinigheidje. Ik  schrijf bewust ‘persoon’ en niet ‘dakloze’ of ‘zwerver’ of ‘bedelaar’ omdat het allang niet meer zo is dat zij de enigen zijn die om aalmoezen vragen. Was er enige maanden geleden niet wat ophef over werkende mensen die hun huur niet meer konden opbrengen? Deze mensen sliepen daarom maar in hun auto of op de stoepen van gebouwen in de stad.

Het was niet de eerste keer dat ik werd geconfronteerd met mensen die in een situatie verkeerden waar zij, volgens de standaarden, niet in zouden moeten zijn. Elk jaar, tijdens de Pride Month wordt er een sociale activiteit georganiseerd en een keer mocht ik het organiseren. Ik besloot het Daklozen Diner te organiseren, naar een idee uit Nederland. Ja, sorry, die witte mannen in korte broeken hebben me best wat geleerd. Zo ook sociaal zijn. Een paar keer ben ik dus langs geweest bij het Bureau Dak- en Thuislozen om mezelf te orienteren. Mijn mond viel open van verbazing toen mij daar werd verteld dat de clienten niet alleen de mensen waren die op straat rondliepen.

Ze hadden ook een groep mensen die een baan hadden maar er toch moesten bivakkeren. Het lijkt mij echt een nachtmerrie om dat mee te moeten maken. Niet dat ik nooit harde tijden heb meegemaakt. In tegenstelling tot wat men hier, tot vermoeiends toe, denkt, is Holland geen paradijs. Ook daar heb ik op momenten rijst met gebakken uien moeten eten omdat er niets anders was. De Nederlandse samenleving heeft genoeg zwakke schakels. Vasthouden aan belachelijke tradities  is daar een van.

Over zwakke schakels gesproken; de politiek is dat ook. De laatste weken erger ik me dood aan het constante gezeur over de verkiezingen. De Centrale Markt was gesloten maar vele politici hebben perfect de rol van markterkoper overgenomen. Wel in negatieve zin, hoor, want ze gedragen zich soms echt als viswijven. Maar ieder heeft recht op zijn feestje en als u allen daar blij van wordt en het allemaal serieus neemt, wens ik u veel plezier. Een martkkoopvrouw heeft wel iets tast- en eetbaars aan te bieden.  De politieke viswijven slechts gebakken lucht!

Nu ik er zo over nadenk, besef ik dat ik een marktkoopvrouw nooit heb horen schreeuwen dat de tomaten bij haar gekocht moesten worden omdat die van de buurvrouw zuur waren. Politici hoor ik de hele godganse dag proclameren dat de andere partij zo slecht is en dat je daarom op hun moet stemmen. Nog belachelijker is die hetze richting Paarsen. Vanuit elke partij heb ik wel mensen horen praten over paarse ratten, koeien en ezels. Wat ik me dan afvraag, is waarom de andere partijen de Paarse stemmers niet beschouwen als potentiele kiezers en ze met meer respect behandelen? Heeft een van u er ooit voor gekozen om bij iemand te zijn die u uitmaakt voor rat en koe?

We maken wel vaker rare kronkels in onze denkwijze. We waren er ook stellig van overtuigd dat de commerciele banken, met hun belachelijke actie van enige tijd geleden, dat deden ten behoeve van de samenleving. Lekker naief maar we zeggen niet voor niets ‘ignorance is bliss’. Het is een fijne gedachte om te hebben, een mooie fantasie, dat die ene knappe directeur dat uit sociale overwegingen doet. Dan zou ik, als ik een vrijgezelle oudere vrouw was, ook op straat gaan staan om te voorkomen dat hij zijn baan verliest. Stel je voor dat zijn vervanger een lelijkerd is!!! Die vervanger mag dom zijn, hoor, maar lelijk, no no baya! Het oog wil ook wat toch?

Vooralsnog blijf ik erbij dat een ketting zo sterk is als haar zwakste schakel. Maar wat te doen als een ketting uit alleen maar zwakke schakels bestaat? Is dat niet de pijnlijke waarheid waar wij mee werden geconfronteerd? Is het niet bijzonder apart dat een journalist een overheidsorgaan erop moet wijzen dat de daklozen niet vergeten moeten worden? Eigenlijk wil ik het helemaal niet daarover hebben want over zwakke schakels gesproken, boi. Het zijn van een goed voorbeeld is duidelijk ook een zwakke schakel in onze ketting. Het hebben van een helicopterview idem. We lijken een ketting vol zwakke schakels die bij gratie van het universum niet uit elkaar valt. Ik kijk uit naar de persoon die opstaat om de natie te bouwen en daarin elke burger van dit land erkend en in zijn of haar waarde laat. In potentie zijn we namelijk net zo sterk als de kettingen die ons ooit geketend hielden.

PANDEMIER (De Ware Tijd, 09-05-2020)

Mooie en nieuwe verschijning, hoor. Prachtig zelfs! Net een frisse wind die door de straten van Paramaribo rondwaart. Ik heb het natuurlijk over die Pandemier. Wat een mooi beest! Zoo een mooie naam die ik nog heel vaak kan en wil horen. Zijn komst heeft ons zoveel goeds gebracht! Heerlijk vonden we het om onszelf te beperken in onze bewegingsvrijheid. Vooral om de reden: ‘voor het geval dat’. Sterker nog, het was fantastsich om drie weken opgesloten te zijn in je huis vanwege een kuchje en te kijken hoe anderen zich vrij bewogen. Gelukkig waren het niet de voorbeeldfiguren in onze samenleving.

Het was zeer prettig onszelf laten leiden op basis van, uiteindelijk, vierhonderd en vier uitgevoerde testen op een bevolking van, grof geschat, zeshonderdduizend mensen. Bij het lezen van vierhonderd pagina’s uit een boek dat uit zeshonderdduizend pagina’s bestaat, kun je met alle stelligheid zeggen dat het een goed verhaal was. Ik ben geen wetenschapper maar slechts een importburger die niet zo veel snapt van het hele systeem in Suriname. Wat ik, denk ik, wel snap en heb gezien, is dat mannen het echt veel beter doen dan vrouwen. Als er iets is dat deze Pandemier duidelijk heeft gemaakt, is het dat het tijdperk van het patriarchaat nu haar hoogtijdagen beleeft.

Er zijn nog meer zaken die mij zijn opgevallen sinds de Pandemier er is. Dat is dat mannen met hoge functies bijzonder goed zijn in het voorlezen van tekst. Heerlijk om met de jongsten in huis te kijken naar de televisie terwijl zo een voorbeeldfiguur het net zo goed doet als onze kroost. Wel fijn dat zij zich daaraan kunnen spiegelen.  “Papa, die man op TV kan net zo goed lezen als ik!!!”. “Ja, mijn zoon, jullie lezen allebei op het niveau van een achtjarige en dat is heel goed. Eigenlijk doe jij het beter, maar ssssst, dat mag hij niet weten!” Onze kinderen hebben geleerd dat het helemaal niet nodig is om moeilijke woorden uit te kunnen spreken als ze ver willen komen in het leven. Sterker nog, en dat blijkt al jaren, ze moeten slechts de juiste naam of vrienden hebben. Binnen de kortste keren staan ze dan te stotteren op de televisie, woest proberend wetenschappelijke woorden uit te spreken. Het is bewezen dat men middels patronage altijd de beste kandidaten voor een functie kan vinden. En dat blijkt!

Ja, de Pandemier heeft veel losgemaakt tijdens zijn wandelingen door de straten van Paramaribo. Zo heeft het enorm veel geholpen dat we hebben gebeden. Dat is absoluut waar we het aan te danken hebben. Het was echt niet nodig dat er constant werd geroepen op de televisie dat we moesten bidden. Dat is voor velen het eerste dat zij gaan doen wanneer er een dodelijke Pandemier aan de poort staat. En fantastisch dat er in een land met religieuze vrijheid constant, with the utmost respect, gesproken wordt over al die religieen en levensovertuigingen  die Suriname rijk is. Het is absoluut niet zo dat we eigenlijk dat geloof van die witte man met de baard zien als ‘de enige echte’ en de rest als slappe aftreksels daarvan. Ook al bestaan ze veel en veel langer. Beter goed verzonnen dan echt ontstaan, is een eeuwenoude wijsheid die onze voorouders ons geleerd hebben!

De Pandemier heeft mij persoonlijk ook iets geleerd. Dat er twee zaken zijn die ik absoluut kan vertrouwen. Religie en politiek. Religie heeft laten zien dat er daadwerkelijk genezing kan plaatsvinden door gebed. Het heeft perfect geholpen in het epicentrum van religie in Europa. En politiek heeft mij getoond dat tijden van crisis absoluut het juiste moment zijn om propaganda te voeren. Met het besmeuren van anderen terwijl men heel dicht bij elkaar staat. Het is ook echt de beste manier om ervoor te zorgen dat er genoeg brood op de plank komt. Het biedt toekomstperspectief voor jongeren. Politiek maakt een mens, net als religie, immuun voor alles. Ook voor zo een rondfladderende Pandemier.  Het mooiste is ook wanneer politici alleen hun eigen religie als leidraad gebruiken om een multi-religieuze samenleving te gaan leiden. Dat gaat helemaal goed komen!

De Pandemier heeft voor elkaar gekregen dat we allemaal het beste met elkaar voor hebben. Het heeft ons nader tot elkaar gebracht. We hebben respect voor elkaar getoond. We zijn lief voor elkander geweest. We hebben eens een keer niet gediscrimineerd. We hebben ons niet laten leiden door xenofobie, geld, macht of aardse goederen. We hebben geen woekerwinsten gemaakt over de ruggen van de bevolking heen. We waren solidair. We waren voor rede vatbaar. Ja, de Pandemier heef getoond dat we echt, maar dan ook echt, een zeer gezegend land zijn met de meest empathische bevolking van hele wereld! Oja, onze kinderen weten nu ook dat wanneer ze op een bootje wachten, ze dat doen op een stijger. Wat een steiger is? Baya, mi no sabi yere! Wat ik wel weet, is dat haastige spoed altijd goed is en dat de Pandemier nog heel lang mag blijven rondwaren in de straten van Paramaribo!

 

 

YUWESDOLLEH (De Ware Tijd, 18-04-2020)

Alleen thuis blijven, heb ik nooit ervaren als een probleem. Wanneer het een verplichting is, vind ik het een andere zaak. De COVID-19 situatie begint dus haar tol te eisen. De muren komen op me af! Naar buiten gaan, om boodschappen te doen, is zowaar een hele gebeurtenis. Het maakt me zo blij even van de ketting te mogen om rond te lopen. Als ik een staart had, zou ik kwispelen en rondspringen van geluk. Maar helaas, zo plezierig is het halen van boodschappen helemaal niet meer! Wat is er nou leuk aan om te vechten tegen een groot monster. Jaja, ik heb het over het monster dat Prijsopdrijving heet.

Prijsopdrijving is een gevaarlijk beest, een niet zo mythische draak. Het bezit de geest van een kleine groep mensen en houdt daarmee het gros van de samenleving in zijn greep. Ver weg van gezonde voedingsmiddelen. Het dwingt ze om een slaaf te worden van goedkope vossen in schaapskleren zoals suiker en witte rijst. Het laat lokale producten even duur, soms zelfs duurder!, worden dan geimporteerde producten. Het kan er zelfs voor zorgen dat mensen hun verstand verliezen. Althans, dat denk ik. Laatst stond ik zelf  in de supermarkt te kijken naar de prijs van een artikel. Die was zo absurd dat ik keihard begon te lachen, het artikel terug heb geplaatst en ben weggelopen. Van een afstand moet het eruit hebben gezien alsof ik spontaan een tik van Lotje moet hebben gekregen.

Het halen van boodschappen is een echte queeste geworden. Een waar avontuur waarbij je helaas geen reisgenoten mag hebben tenzij ze op 2 meter afstand van je blijven. Althans, indien zij daar zin in hebben. Dat Lespeki Tan Faraweh is namelijk slechts voor een kleine groep een serieuze maatregel. Er is duidelijk nog een ander monster dat loert in de straten van Paramaribo. Dat monster heet Selectieve Toepassing. Deze is wel een machtige en heeft zich in de hele Surinaamse samenleving verankerd. Selectieve Toepassing laat zijn lelijke kop zien bij elke wet en elk gebed in Suriname.

Volgens mij zijn beide monsters gewoon handlanger van die biologische robotheks die ze Corona noemen. Ja, ze is een oude heks. Ze is namelijk zeker al een paar eeuwen oud, misschien wel milennia. Ze weet zichzelf steeds weer aan te passen. Ik denk dat ze keihard lacht om een vrij jonge groep, de Betwetenschappers, die haar linkt aan technologie. Die gaan zelfs zover dat ze allerlei zendmasten vernietigen, tot grote blijdschap van Corona. “Laat ze maar hun eigen en snelste manier van communicatie vernietigen. Alsof ze nog weten hoe dat werkt met de tamtam of met rooksignalen..”, hoor ik haar denken.

Weet je wie de grote afwezige is? De oude tovenaar Goed Fatsoen. Die mis ik echt in dit hele verhaal. Als Goed Fatsoen nog in leven was, zouden zaken heel anders lopen. Dan zouden voorbeeldfiguren het goede voorbeeld geven. Burgers zouden elkaars leven respecteren. Politie-agenten zouden normaal communiceren met burgers. Die zouden dan op hun beurt normaal antwoord geven op vragen. Goed Fatsoen zou er ook voor zorgen dat de overheid  haar afspraken nakomt. Want wanneer zij met veel bombarie aankondigen een persconferentie te houden, dan zorgt Goed Fatsoen ervoor dat deze doorgaat.

Goed Fatsoen zou er ook voor zorgen dat er met net zoveel bombarie wijzigingen zouden worden doorgegegeven en niet dat mensen moeten raden wat er nou precies gaat gebeuren. Weet je waar Goed Fatsoen ook voor zou zorgen? Dat politiek nooit en te nimmer een obstakel zou mogen zijn in het aansturen van een land in tijden van crisis. Dat ons ego ons nooit in de weg zou staan. Dat een virus geen middel zou worden om te misbruiken in een machtsstrijd. Dat men de pers niet betiteld als Nyunsu Maskita (wat een sneer was dat!). Dat de pers onpartijdig en objectief is (dat is helaas bij een te groot aantal niet zo).

Maar, ach en wee, Goed Fatsoen is hetzelfde lot beschoren als zijn broertje Verkeers Fatsoen. Beiden zijn zij gruwelijk vermoord door de enige echte en ware God die er in Suriname gediend wordt. Hoe die heet? Yuwesdolleh!

 

 

TRANSISI (De Ware Tijd, 11-04-2020)

Laatst had ik een bijzonder kort maar interessant gesprek met iemand.  Op social media had deze persoon een filmpje van hem en zijn hondje gedeeld waarin hij het dier liefkozend ‘My Girl’noemt. Ik zag iets uitsteken onder de buik van het hondje. Dus ik vroeg hem waarom hij continu sprak over een zij terwijl er duidelijk een piemeltje te zien was. Lachend antwoordde hij dat het geen piemel was maar een onderdeel van de schaamlippen van het hondje, Sally. “Heb je echt je hondje Sally genoemd? Zeker omdat ze in plaats van een piemel ook een vergrote clitoris heeft?!”, grapte ik.

Hij bleek het hondje echt naar de bekende cabaratier genoemd te hebben. “Weet je”, zei ik, “ik vind die Sally echt top. Gewoon out in the open en haar leven leiden zonder zich druk te maken om wat mensen van haar vinden. Die shows, reclamespotjes en optredens op de Saoena-markt waar duidelijk te merken was dat de gemeenschap haar echt wel omarmd had. Ik bewonder haar wel.” Daar reageerde mijn kennis milder op. Zijn antwoord: “Nee, ik vond hem mooier als een man. Echt, hij was zo knap maar als hij nu zo erbij wil lopen, moet hij weten.” Ik corrigeerde hem. Het was een zij, niet een hij.

Toch bleef hij voet bij stuk houden. Zelfs toen ik aangaf dat als ik op een dag had besloten dat hij op een ooievaar leek ik hem maar ooievaar zou noemen, bracht hem dat niet van zijn stuk. Sally was voor hem een hij, punt! Het zette mij wel aan het denken. Eerder die week had iemand ook op social media aangegeven dat hij het verschrikkelijk vond dat kolonel Slijngard bij een van de persconferenties had gezegd dat mannen niet zwanger konden worden en dat dus ook niet als excuus moesten gebruiken om na de avondklok hun aanwezigheid op straat te rechtvaardigen.

Dat vond ik zelf op dat moment spijkers op laag water zoeken. “Ain’t nobody got time for that, corona is here!”, dacht ik. Na wat te zijn afgekoeld, moest ik hem wel gelijk geven. Net zoals dat armoede nooit een rechtvaardiging is om te gaan stelen, is een crisis ook nooit een rechtvaardiging om mensen niet langer te respecteren in hun waardigheid. Juist nu moeten we ervoor waken dat een ieder gerespecteerd zal worden in zijn of haar bestaan. Ongeacht onze persoonlijke mening hierover. Die mening kunnen we beter op ons eigen leven toepassen en anderen vooral hun eigen keuzes laten maken. Toch bleef er een vraag, waar ik eerder mee heb geworsteld, bij mij hangen.

Een vrouw die de transitie maakt naar een man maar wel de baarmoeder behoudt. Hoe moeten wij dat zien? Ik moet zeggen dat ik dit gewoon vraag uit nieuwsgierigheid. Wanneer Carla naar mij toe komt en zegt dat zij voortaan als een man door het leven gaat, heb ik daar geen moeite mee. Misschien zou ik het zelfs wel spannend vinden om een keer op onderzoek te gaan met Carlo. Laten we het erop houden dat het mijn natuurlijke nieuwsgierigheid en obsessie met de grens tussen het mannelijke en het vrouwelijke is. Gezien het feit dat ik mij niet heb gebonden aan een leer die zulke zaken verbiedt, voel ik mij daar ook niet schuldig over en heb ik dus absoluut geen reden om transgenderpersonen te gaan bashen om te overcompenseren. Jup, dat was een kleine sneer voor wie de schoen past.

De reden waarom het onderwerp transpersonen mij deze week heeft bezig gehouden, heeft ermee te maken dat ik vanuit verschillende invalshoeken naar de huidige COVID-19 pandemie probeer te kijken. Zelf ga ik regelmatig in meditatie om contact te maken met mijn bron en volg ik, naast mainstream nieuwssites, ook de berichtgeving vanuit spirituele hoek. Of bekeken vanuit de tribale visie of de visie van oudere culturen dan de Westerse.  En daarin wordt gesteld dat dit een periode is van transitie. Het is al vaker aangegeven door elders van verschillende tribale volkeren over de hele wereld.

Het wordt door sommigen ook gezien als een manier waarop Moeder Aarde zich ontdoet van het virus dat wij mensen voor haar zijn. Er zijn zelfs theorieen dat dit allemaal onderdeel is van een galactische orde die de Aardse mensheid wil helpen de overstap, of de transitie, naar een andere manier van leven te maken. Een manier met meer compassie en respect voor het leven an sich. Zweverig maar mooi vind ik dat. Het geeft mij, helaas?, net iets meer hoop dan de angstige pogingen van de gevestigde orde om te redden wat er te redden valt van ons globale,  consumptiegerichte, kapitalistische systeem. Nee, we kunnen veel beter onze ogen openen en accepteren dat we allemaal transpersonen zijn op dit moment.

Het gaat dan niet voor iedereen om een transitie naar het gewenste geslacht. Hoewel.. als dat nodig is om iemand naar een hoger niveau te doen evolueren, dan moet dat het maar zijn. Deze situatie zal ons dwingen te evolueren. Laten we ervoor zorgen dat we vooruit gaan in plaats  van te devolueren richting atavisme. Let us transform in peace!

 

KONSPIERESIE (De Ware Tijd, 04-04-2020)

Afgelopen week is de avondklok ingegaan. Voor velen was het de eerste keer dat zij dit meemaakten in Suriname. Voor mij de tweede keer. In de jaren tachtig woonde ik nog hier. Hoewel mijn herinneringen aan die periode vrij gefragmenteerd zijn, omdat ik best jong was, weet ik nog dat het vrij angstig was. Echter heb ik nooit een moment het gevoel gehad dat wij nu weer richting de jaren tachtig gaan. Daarom was ik ook wel verbaasd dat sommigen bij de eerste berichten al meteen daar vanuit gingen. Er werden zelfs politieke statements over gemaakt. Goedkope inkoppertjes vond ik dat, inspelend op een angst die bij veel mensen nog speelt.

Wat er als een paal boven water staat, is het feit dat de hele wereld in de ban is van COVID-19. Opvallend is de burgerlijke ongehoorzaamheid, zoals we dat noemen. Ik vind het twee verschrikkelijke woorden maar dat kan misschien wel liggen aan mijn ‘niet-Surinaamse’ opvoeding. Gehoorzaam ben ik altijd wel geweest maar pas nadat ik de noodzaak ervan snapte. De noodzaak snappen, geeft ook niet altijd directe aanleiding gehoorzaam te zijn. Bijvoorbeeld: in dit geval gaat het mij persoonlijk vooral om de kans het virus op anderen over te brengen die er minder goed tegen bestand zijn. Voor zwakkeren kan het zelfs dodelijk zijn. De eerste analyses hebben bijvoorbeeld al laten zien dat dit vooral mensen met overgewicht treft. Ook de ouden van dagen zijn een risicogroep. Zoiets wil ik niet op mijn geweten hebben, dus is ondergetekende al sinds dertien maart, op advies van de huisarts, in thuisquarantaine.

Makkelijk is het niet. En wat het nog moeilijker maakte, waren alle berichten die ik binnenkreeg. Iedereen had wel een mening over deze ziekte. Sommige belachelijker dan de andere. Rustig probeerde ik mensen uit te leggen dat dit niet het moment was om mij te vertellen dat ik thee moest drinken van zeven teentjes knoflook. Of dat ik mij geen zorgen moest maken omdat het virus zwarte mensen niet zou pakken. Ik vertelde ze dat het een onbekend virus was en dat zij, in plaats van druk bezig te zijn met de meest aparte complottheorieen, beter konden uitzoeken of hun familie veilig was. Dat het virus in Afrika weinig voet aan de grond kreeg omdat men daar, na ebola, een stuk scherper en zorgvuldiger was met controles op internationale luchthavens.

Wat me verder opviel, was dat deze samenzweringstheorieen bijzonder populair waren bij zwarte mensen. Zowel uit Nederland als Suriname werden deze filmpjes gretig gedeeld. Een paar dagen bleef ik me afvragen hoe dat toch kwam. Conspiracy theories werden net zo gretig gedeeld als ware het pornografische filmpjes. Dat we seksualiteit spannend vinden, kan ik snappen. Ik hoop trouwens wel dat er inmiddels mensen zijn opgepakt die het filmpje van een jongeman, die zich liet bevredigen door twee kleuters, schaamteloos hebben gedeeld op social media. Ik vind dat daar eigenlijk fikse consequenties voor moeten gelden. Goed, dat terzijde. De conspiracies, daar hadden we het over. Na dagen uitdenken wat het nou zo populair maakte onder de gekleurde mens kwam ik tot een theorie.

Ik bedacht dat wij natuurlijk nooit ‘de witte man’ vertrouwd hebben! Dat sinds vroeger wij al erg op onze hoede waren voor alles wat uit zijn mond kwam en daarom ook onze eigen weg kozen. Het delen van de conspiracy theories is het nieuwe zingen van negro spirituals waarin, in cryptische boodschappen, de weg naar vrijheid werd verteld. Waar we vroeger zongen dat ‘Adyen masra Jantjie e kiri suma pikin’, zenden we elkaar nu soortgelijke berichten om elkaar te waarschuwen voor de gekkigheden van ‘masra’. Dat de meeste van deze theorieen ook uit witte breinen komen, is in deze ondergeschikt. Net als vroeger was de persoon die zich uitsprak tegen het systeem, ten voordele van ons, een van de goeien. Misschien is dat ook een motivatie? Als Kees zich uitspreekt over iets dat van ‘zijn mensen’ komt, zal hij wel gelijk hebben, denken we misschien. Of dit klopt, weet ik natuurlijk niet. Ik ben geen antropoloog of historicus maar heb slechts een bijzondere interesse voor gedragingen van de mens van toen, nu en in de toekomst.

Dit wil trouwens niet zeggen dat ik helemaal niets geloof van deze theorieen. De hele pharmaceutische industrie is, bijvoorbeeld, in mijn ogen een money making scheme. Ziektekostenverzekeringen zijn gewoon een manier om geld in het laatje te krijgen. Door angst te creeren, en op te blazen, worden we gemotiveerd mee te doen. Geld verdienen, doen we door mensen niet direct te genezen maar ze langer ziek te houden. Langer ziek, langer gebruik van medicijnen: katjing! Meki nyang op globaal niveau. Soms denk ik zelfs dat het erop lijkt dat men bepaalde groepen, zoals ouderen en mensen met overgewicht, wil ruimen omdat ze minder productief zijn. Realistisch? Hopelijk niet!

Ook al denk ik dit alles, blijf ik toch netjes in mijn huis. Zelfs op basis van een griepsymptoom waar ik normaal bijna tot geen aandacht aan zou schenken. Ik wil ook iedereen aansporen dit te doen. Ooit las ik ergens dat toen er in Europa electrische straatverlichting werd geintroduceerd men dezelfde ideetjes erover had zoals men nu heeft bij 5G en het COVID-19 virus. Ook dat werd gezien als een middel om de bevolking onder controle te krijgen. Achteraf was er niets aan de hand. Of dit zo is bij COVID-19 weten we niet. Dus nogmaals, blijf thuis!! Better safe than sorry.... 

PRASI OSO (De Ware Tijd, 28-03-2020)

Wat een tijd om in te leven. De hele wereld in de greep van COVID-19. Elke avond lig ik in mijn bed te hopen dat ik de volgende dag wakker word en het allemaal een nachtmerrie of een hele goede science-fiction bleek. Dat hoop ik nog steeds. Deze column schrijf ik op de dag dat bekend werd dat het aantal positieve gevallen op zeven stond. En enkele uren later acht personen telde. Vreemd genoeg heb ik die avond erg goed geslapen, in tegenstelling tot de eerste dagen nadat bekend was gemaakt dat het virus ons land ook had bereikt.

Sindsdien kijk ik elke dag braaf naar de updates.  Moet zeggen dat het me ontzettend irriteert dat er gezegd wordt dat deze personferenties om vier uur in de middag beginnen maar dat deze steevast flink wat later van start gaan. Dat stelt mij niet gerust. Hoe gaat men op tijd actie kunnen ondernemen als op tijd beginnen al lastig is? Misschien een beetje vergezocht, maar ik vind wel dat men in een voorbeeldfunctie niets aan het toeval mag overlaten. Die persconferenties bekijk ik nog wel omdat ik op de hoogte wil blijven. 

Mijn angsten nemen ze niet weg. Die angst heb ik niet zozeer vanwege het virus. Die zou ik wel moeten hebben omdat ik, in theorie, een diabeet ben. Mijn strakke regime van sporten en dieten, wel met de nodige en geplande zondige snoepmomenten, zorgt ervoor dat ik mijn bloedsuikerspiegel zonder medicatie onder controle hou maar ik weet nog steeds niet of ik mezelf echt nog tot die groep moet rekenen. Ben ik nog steeds extra in gevaar of niet? Dat even terzijde.

Mijn angst komt door het gedrag van mensen in het algemeen. Waar wij eigenlijk zouden moeten samenwerken, zijn wij elkaar aan het tegenwerken. Veel Surinamers illustreren bijzonder goed dat alleen het recht, en dus de belangen, van de sterksten geldt en dat materialisme boven alles staat. Dat is best een prestatie maar of we daar trots op moeten zijn, weet ik niet. Wat ik ook zie, is dat ons eeuwenoude patroon van selectieve toepassing van regels onze grootste vijand is. Gevoelsmatig denk ik wel dat wij deze pandemie zullen overleven met wat lichte kleerscheuren maar bijna zou ik willen dat dit funest zou zijn. We zullen namelijk vervallen in een aantal denkwijzes en patronen zoals dat we gezegend zijn, dat God ons heeft geholpen en dat we het dus kunnen blijven doen zoals we het altijd gedaan hebben.

Echter, dit soort pandemieën zijn onderdeel van een patroon en we zullen er dus over een tijdje weer mee te maken krijgen. Wellicht wat erger, misschien milder, maar komen zal het. Hoe gaan we er dan mee op? Want dan is onze bevolking een stuk groter en dit kleine beetje wat we al hebben, kunnen we nauwelijks onder controle houden. Die opstandigheid geldt vreemdgenoeg voor alle lagen van de bevolking. De minder vermogende klasse die altijd in overlevingsmodus is, ziet er misschien niet zoveel heil in om er alles aan te doen om een bepaalde situatie te overleven en maakt er maar het beste van. De vermogende klasse die veel te verliezen heeft, lijkt zich toch niet te willen buigen voor een overheid waar zij op neer kijken en doet ook het eigen ding. Ondertussen zijn alle besmettingen tot nu toe te herleiden naar die bovenste laag van de bevolking, de rest van de mensen nog minder de ernst van de situatie te doen inzien. Waarom binnen blijven als het toch alleen die mensen kan treffen die gereisd hebben?

Een ander fenomeen dat ons nu in de kont zal bijten, is het tekort aan goede woningen in combinatie met een gebrekkige gezinsstructuur. Soms, of vaker, wonen er meerdere generaties in een niet al te ruim huis. Er zijn zelfs delen van onze stad waar men bij elkaar woont in houten bouwsels als ware het een soort mini-favela’s. Dicht bij elkaar en zonder al te goede sanitaire voorzieningen. Omdat veel van ons leven zich ‘buiten’ afspeelt, hebben we dat nooit als een bijzonder probleem ervaren. Een ruim huis met aparte slaapkamers voor een ieder was tot nu toe een luxe. Nu blijkt het een noodzaak. Lijkt mij best lastig om nu ineens op elkaars lip te moeten zitten, niet wetend of er geld binnen gaat komen om te kunnen eten. Frustratie zal er dus zijn en wanneer het situaties betreft die hiervoor al gevaarlijk waren omdat er een of meerdere vormen van misbruik meespelen, dan zijn deze nu extra gevaarlijk. Thuis of op het erf blijven is dan echt geen optie...

  

BLITLER (De Ware Tijd, 21-03-2020)

Wanneer je denkt alles gehad te hebben, gebeurt er altijd wel iets dat je haren recht overeind doet staan. Maar deze laatste, deze laatste was echt het toppunt. Het was het bedorven neusje van een verrotte zalm moet ik zeggen. Uren erna zat ik nog steeds te bedenken of dit echt gebeurt was. Ik bezocht een tentoonstelling over de verschrikkingen van de tweede wereld oorlog en de rol die Suriname daarin had gespeeld. Best trots maakte het mij. Totdat ik een groepje jongens hoorde praten.

Ze waren allemaal van Afro-Surinaamse afkomst maar niet gemengd. Dat maakte het nog frappanter voor mij om aan te horen wat ze zeiden. Deze jongen spraken hun bewondering uit voor Adolf Hitler! “Ja, mang, a man dat ben bun. A kiri alla den homo. Na bun sani!” Ik moet eerlijk zeggen dat ik niet zozeer schrok over dat van de homo’s. Dat kan ik afwuiven als domme, wel extreem domme, onwetendheid die waarschijnlijk door nog onwetender volwassenen was gevoed. Of misschien ben ik al immuun voor zulke stinkende uitspraken.

Erger vond ik de waardering voor Adolf Hitler. De waardering voor de nazi’s en het feit dat zij zoveel Joden hebben kunnen vermoorden. Het is wel zo dat Hitler, als mens bekeken, charisma had en dat hij kon praten als een pastoor. Dus hij wist wel mensen aan zich te binden. Maar het is toch bizar dat zijn eigen mensen hebben ingezien dat wat hij deed verkeerd was en dat, nota bene, zwarte jongeren, untermenschen volgens de leer van de nazi’s, hem nu adoreren.

Een aanwezige gids probeerde de jongeren die leer uit te leggen en dat hun waardering misplaatst was. Ook zij met hun donkere huid zouden door de nazi’s worden vergast. Het ging er niet in bij ze. Feit bleef dat ze hem geweldig vonden omdat hij homo’s had vermoord. Achteraf ben ik gaan vragen aan de gids of er vaker zulke reacties waren. Hij gaf aan dat dit de eerste keer was dat zwarte jongeren bij het bezoeken van de tentoonstelling zulke uitspraken hadden gedaan. Dat was een kleine opluchting.

Ik besloot het te bespreken met een vriend van mij die werkzaam is in het onderwijs. Die ontstak in woede en verontwaardiging. “Het komt door de manier van lesgeven.” Hij stoorde zich er heel erg aan. De apathische manier waarop de lesstof werd toegediend aan leerlingen zorgde er, volgens hem, voor dat zij Hitler konden beschouwen als een held in plaats van als een van de ergste dingen die de mensheid is overkomen. Of dat echt de reden is, weet ik niet. Ik kan het me ergens wel voorstellen.

Wat ik wel weet, is dat ik nog steeds in shock ben. Maar dat moet ik eigenlijk niet zijn. Wij zijn er toch ook goed in die dezelfde bijbel, die verklaart waarom wij zulke goede slaven moesten zijn, aan te houden als zweep om nu andere mensen, en onszelf, te onderdrukken. In principe ben ik dus de idioot die zich laat shockeren door zulke uitspraken. Maar toch. Dit is iets waar ik nog steeds een beetje van ondersteboven ben.

Of is het mijn eigen beperkte visie? Hou ik zelf teveel vast aan huidskleur wanneer ik mezelf verbaas over een zwart persoon die Hitler een toffe peer vindt? Nu moet ik zeggen dat ik een keer eerder een stuk heb gelezen van iemand die Hitler geweldig vond. En ik heb begrepen dat er ook Surinamers waren die zich destijds bij de NSB aangesloten hadden. Net zoals er nu ook Surinamers zijn die  in Nederland stemmen op (extreem)rechtse partijen omdat ze denken dat zij een strijd aangaan tegen moslims. Beseffen zij wel dat wanneer het mocht lukken de moslims te verdrijven, zij daarna aan de beurt zullen zijn?

Het moge duidelijk zijn dat die uitspraak van ‘de toekomst van Suriname’ mij bezig heeft gehouden. Bedenkend dat het in Duitsland ook begon met kleine vonkjes die uiteindelijk hebben geleid tot de vurige uitbarsting van gaskamers, massagraven en verbrandingsovens, beschouw ik dit ergens toch wel als een teken aan de wand. Een waarschuwing dat als wij zo doorgaan met het laten sudderen van onwetendheid onder jongeren en allerlei randfiguren de kans geven hen te vormen, dat we in de toekomst met teveel gebakken peren zitten.

Niet om het feit dat zij zulke uitspraken over homo’s doen. Onderzoek heeft echt uitgewezen, en dat heb ik vaker aangegeven, dat het uiterlijk vertoon, waar ik zulke uitspraken onder schaar, een uiting is van een innerlijk conflict. In dit geval denk ik dat de jongens aan het papegaaien waren. Iemand met een innerlijk conflict omtrent zijn geaardheid heeft zulke uitspraken gedaan en zij hebben niet verder nagedacht. Ik hoop ten zeerste dat zij binnen afzienbare tijd de capaciteit zullen ontwikkelen om op een verlichte manier na te denken over zulke zaken. Echt..

Als dit soort jongeren onderdeel van de toekomst van ons land is, zijn we niet gezegend! Dan is de COVID-19 pandemie, misschien maar goed ook. Niet alleen voor ons maar de hele wereld. Laat dat virus maar de kans krijgen om goed om zich heen te grijpen zodat we een nieuwe start krijgt. Too soon? Ach, we blijven hopen dat het een keer goed komt. Dat racisme, discriminatie, xenofobie, stigmatisering en alle vormen van haat uitgeroeid zullen worden. Mens zijn is wel moeilijk. Een goed mens zijn nog meer! Het lijkt bijna een utopie. Omdat zelfs hetgene dat als goed beschouwt wordt, voor iedereen anders lijkt. Is Hitler dan toch de laatste die  het hardst lacht?!

 

SMART (De Ware Tijd, 14-03-2020)

Regelmatig zie ik hem bij hetzelfde kruispunt in het zuiden van de stad. Gedurende een periode van twee jaar heb ik me steeds weer afgevraagd wat er mis is met hem. Gevraagd heb ik het nooit. Zijn ogen zijn mooi maar de diepte is onheilspellend. Het lijkt mij iets dat ik niet zal kunnen bevatten in een gesprek van vijf minuten. Meer tijd wil ik er ook niet aan besteden. We hebben allemaal onze bagage en we moeten allemaal zelf de keuze maken of we deze blijven meesjouwen of laten vallen. Andermans bagage meesjouwen zal geen verbetering brengen in de situatie van beide sjouwers. Gedeelde smart is slechts voor een korte tijd halve smart.

Toch blijft het in mijn gedachten. Een gezonde, goed uitziende jongen die blijkbaar toch tussen wal en schip van onze samenleving was geraakt. Niet dat dit zo een bijzonder geval is. Er zijn er velen in dezelfde positie die niet weten hoe ze eruit moeten komen. Er zijn ook geen handvaten. Althans, geen handvaten waar zo een individu zich daadwerkelijk aan op zou kunnen trekken. Het enige wat er beschikbaar is aan hulp is, zoals ik het noem, zijwaartse hulp. In zo een geval is stil staan misschien wel de beste optie. Dan wordt het er niet beter op maar slechter kan het in ieder geval niet.

Op dit moment wordt een behoevende slechts in een ander gevangenisje gestopt en komt geen stap vooruit. Het is net wanneer een verslaafde de ene verslaving vervangt met een andere. Soms denken ze dat ze vooruitgang geboekt hebben maar dat is deels waar. Is het minder erg wanneer een verslaafde, die zijn geest met drugs verdooft, dit zelfde vanaf een bepaald moment doet met religie, politiek, voeding of drank? Wanneer de tralies van onze gevangenis een ander leuk kleurtje krijgen, wil dat niet zeggen dat we vrij zijn. We zitten nog steeds gevangen maar in een mooier plaatje waardoor we ons beter voelen. Het is dus bedrieglijk. Het is schijn.

Ik denk dat dit maakt dat zo een jongen, en hij niet alleen, soms van het straatbeeld verdwijnt maar er toch iedere keer weer beland. De laatste keer dat ik hem heb gezien, is nog niet zo lang geleden. Het was wel schrikken deze keer. Zijn haar was op zijn hoofd vastgekoekt. Zijn hoofd had hij verstopt in een apenmasker. Zijn ogen werden zichtbaar toen hij het masker van zijn hoofd haalde. Ja, daar kwam de schrik. Mooi waren ze niet meer. De diepte was niet meer onheilspellend. Er was wat anders in te zien. Pijn. Honger. Verdriet. Afwijzing. Wat voelde ik me hulpeloos.

De huidige situatie in ons land maakt het niet beter voor hem. Terwijl iedereen klaagt over de verminderde koopkracht en ondernemers lopen te huilen over minder winst, zijn het de zwakkeren in onze samenleving die keihard getroffen worden. In het verleden zag ik vaker mensen wat geven aan hem. Deze laatste keer was er niemand in de file die de hand in de zak stopte. Ook ik niet. Terwijl ik hieraan terugdenk, voel ik een knoop in mijn maag. De tijden zijn echt hard geworden. Maar wat is precies hard? Dat ik niet meer de buitenlandse noten kan eten die passen bij mijn gezonde levensstijl of dat die jongen van 3 maaltijden per dag naar 3 maaltijden per week gaat?

Terwijl deze jongeman, en anderen met hem, tevergeefs om hulp vragen, vinden we ze lastig en storend. We vinden het belangrijker om te kijken naar de vuilsmijterij in aanloop naar een verkiezing van het minste der kwaden. Nergens komen er oplossingen die voor elk individu toegankelijk zijn. Zelfs het feit dat deze jongen, en de hele groep daklozen, stem- en kiesrecht hebben, is nog geen motivatie om ze te helpen. Blijkbaar zijn ze minder waard dan ratten en ziet men niet dat ze in potentie evenzo slim kunnen zijn als een olifant. Allerlei vragen spoken er sindsdien door mijn hoofd. Het systeem waar wij in zitten en waar zulke jongeren het slachtoffer van zijn, lijkt waterdicht.

Het enige dat deuren kan openen, is de wil van de samenleving om het te veranderen. Voorafgaand dient er eerst besef te komen dat er noodzaak is om het te veranderen. Komt dat ooit? Wanneer gaan we beseffen dat we ons land niet vooruit kunnen stuwen als slechts een deel van onze bevolking meeduwt? Wanneer gaan we beseffen dat elk persoon de moeite waard is? Wanneer gaan we beseffen dat we slechts de ketenen een ander leuk kleurtje hebben gegeven? Wanneer gaan we onze minuut op deze planeet tot een plezierige ervaring voor iedereen maken?

STEMMEN (De Ware Tijd, 07-03-2020)

Laatst gebeurde er weer iets waar mijn oren van gingen klapperen. Ik moest ook echt moeite doen om niet te lachen. Dat lukte want ik hoorde die stem in mijn hoofd die mij aanmaande om deze persoon te corrigeren, op zachte wijze. We hebben allemaal neiging om op zulke momenten toe te geven aan de erkenningsdrang van ons ego. Dat stak bij mij ook meteen de kop op. Gelukkig luister ik altijd naar de stemmetjes in mijn hoofd. Wees niet bang, ik praat niet hardop terug. Iedere keer als ik die stem hoor, moet ik denken aan mijn oma. Als klein kind zei ik ooit tegen haar dat ik stemmen hoorde die mij waarschuwden wanneer ik iets ging doen dat fout was.

Ze keek me lang aan, zuchtte en zei: “Zeg dat niet hard op. Want men gaat je in LPI zetten!” Ze pakte me bij de schouders vast en herhaalde haar woorden. Ze was serieus. Vanaf dat moment waren mijn oren gesloten voor mijn innerlijke stem. Ik was bang gemaakt. Het bijzondere is dat mijn oma na haar overlijden een van die stemmen werd. Lang daarvoor, als volwassene, had ik al ontdekt dat wat ik destijds omschreef als ‘stemmetjes’ niets anders was dan mijn geweten. Ik moet eerlijk toegeven dat ik wel heb ontdekt dat ik bepaalde ‘dingen’ kan. Zo krijg ik soms boodschappen die ik alleen kan horen. Soms blijft het net zo lang doorgaan en krijgen ze steeds meer volume. Meestal is dat als er iemand in mijn buurt is die in de put zit en die niet in contact is met zijn of haar yeye.

Althans, zo verklaar ik het voor mezelf omdat het vaak echt specifiek gericht op die persoon of personen. Zo had ik ooit een jong koppel voor me. Ze waren verliefd maar ineens geraakte zij in mineur en hij keek hulpeloos om zich heen. In mijn rechteroor hoorde ik een stem: “Ze twijfelt. Hij houdt zielsveel van haar maar er is iets dat haar laat twijfelen terwijl ze ook van hem houdt. De ouders. Zeg tegen ze dat het goed is.” Omdat ik aan het werk was, negeerde ik de stem. Maar deze dame, want het was een vrouwenstem, was erg vasthoudend en bleef net zo lang “Zeg het dan!! Zeg het!!”in mijn oor schreeuwen totdat ik mij verontschuldigde en de boodschap doorgaf. Luisteren naar mijn lawman-stem bleek de beste keuze van die dag te zijn. Allebei lichtten ze op. “Zie je wel, schatje. Ik hou echt van je! Het komt goed...”. Het moet prettig zijn als iemands stem gehoord wordt. Zelfs door de grenzen van de dood heen.

Ik vind het altijd bijzonder wanneer ik, voor mezelf, bepaalde combinaties zie.  Mijn oma die zei dat ik niet naar mijn stemmen mocht luisteren omdat ze bang was dat ik in LPI zou worden opgesloten terwijl ze na haar overlijden ook een van de stemmen werd. Het herinnert mij aan mijn terugkeer naar Suriname. Alles achtergelaten om mijn bijdrage te komen leveren aan de opbouw van het land waar ik ben geboren en zo van hou. Ik mag er alles doen, behalve.. stemmen! Ik heb geen kiesrecht in Suriname. Als een zielepiet hoor ik aan hoe Cubanen, Haitianen en Venezolanen het land binnen komen, versneld een verblijfsvergunning krijgen en dat zij verdorie wel kiesrecht hebben!! Hun stem wordt wel gehoord en ik moet maar schreeuwen tegen een muur? Eigenlijk is het je reinste discriminatie. Soms word ik er boos van. Anderzijds denk ik alleen maar dat het misschien maar goed is dat ik niet mag participeren aan iets dat niet bepaald verlichtend is.

Maar dat is een zijstraatje. Want het begon met die persoon die op mijn lachspieren werkte. Waarom ik daarbij moest denken aan mijn oma? Die persoon zei namelijk: “We zijn nu in het jaar 2020 dus de mens bestaat tweeduizend en twintig jaar. De wereld ook!” Lachwekkend vond ik dat totdat ik mij bedacht dat ik ooit had gelezen dat er een staat in Amerika is die bij examens de antwoorden die vanuit Christelijk religieuze hoek als goed worden gezien, zal laten meetellen. Zelfs als zij wetenschappelijk gezien fout zijn. Ik kon me niet voorstellen dat dit echt zo was. Maar ik heb vaker bizarre redenaties en onzin verklaringen gehoord vanuit religieuze hoek. Voor mij betekent kerstening dat mensen het contact met hun eigen yeye ontzegd wordt. Dit, de kerk, was ook echt de motivatie van mijn oma om te zeggen wat ze tegen me zei. Meditatie, dus het contact met het innerlijke, werd of wordt bij sommige gemeentes als duivels gezien. De volgelingen lijken zodanig te worden gebrainwashed dat ze zichzelf wegcijferen maar wel vol arrogantie te pas en te onpas verklaren “Ik ben een Christen dus ik doe niet aan dat soort dingen”. Verwijzend naar traditionele Surinaamse dracht of liederen. Ik kan me zelf niet voorstellen dat men zo ver gaat dat men zelfs de eigen wortels afsnijdt. Dat lijkt mij pas heidens..

Ik legde de persoon, die dacht dat de wereld pas tweeduizend en twintig jaar bestaat, uit dat dit slechts de manier is waarop Christenen tellen. Volgens de Hindoe jaartelling lopen we achter en als we kijken naar de kalender van de Maya’s dan zijn we nog verder achter. Ik zei dat onderzoek ook had uitgewezen dat Suriname al zeker tienduizend jaar bewoond word door Inheemse stammen. Dat het dus nooit zou kunnen dat de wereld pas tweeduizend jaar oud is. Toen ik naar de man keek, zag ik voor het eerst de mindblown emoji in levende lijve! Hij heeft me wel bedankt voor het verbreden van zijn visie. “Dat wist ik allemaal echt niet.”

Het maakte me blij. Ik was blij dat ik naar mijn stemmetjes heb geluisterd, ben nog steeds geirriteerd dat ik niet mag stemmen en vind het nog frappanter dat de stemmen van groepen die hier al tienduizend jaar wonen niet gehoord worden en ook nog eens worden overstemd door groepen die er pas vierhonderd jaar zijn maar hun recht eerder voor elkaar krijgen omdat ze harder schreeuwen. ..

EKSI (De Ware Tijd, 13-02-2021)

Eieren zijn een belangrijk onderdeel van ons leven. Het is eigenlijk een basisgoed. Toch fluctueert de prijs constant, tot mijn grote ergern...