Laatst zag ik een mooie vacature voorbijkomen. Men was op zoek naar een inwonend koppel. Hij als tuinman, zij als kokkin. Een van de vereisten was ‘Hindoestaans sprekend’. Weer zo een manier om aan te geven dat men geen kafri’s wilde, dacht ik. Of het echt zo is, weet ik niet. Het was interessant om te merken dat mijn brein automatisch dat verband legde. Was dat wat sommigen omschrijven als het ‘slachtofferrol-denken? Weet ik niet. Geinteresseerd in die vacature was ik niet maar ik bleef er wel over nadenken. Het is dat ik zelf geen woord Hindoestaans spreek. Anders had ik een van mijn mannelijke vrienden gevraagd samen met mij te reageren en zich te verkleden als vrouw. Het sollicitatieproces zou ik dan willen filmen. Een koppel dat vloeiend Hindoestaans spreekt maar het niet is en waarvan de ene een pre-op transgendervrouw is. Interessant om te zien wat men zou zeggen om van ons te komen. Humor, toch!
Soms, maar toch met enige regelmaat, komen er
ook advertenties voorbij waarbij men direct aangeeft dat specifieke etnische
groeperingen ongewenst zijn. Bijvoorbeeld als het gaat om het verhuren van
woonruimte. Voor mij geldt dat wij allemaal vooroordelen hebben. Het heeft te
maken met de connecties die onze hersenen maken. Deze zijn allemaal afhankelijk
van persoonlijke ervaringen. Vooroordelen zijn dus eigenlijk persoonlijke
meningen die niet zijn gebaseerd op feiten. Ze zouden daarom ooit bepalend mogen zijn voor de manier
waarop we met elkaar omgaan. Het gaat dan ook fout wanneer dat wel het geval is
omdat we dan onze persoonlijke ervaringen, wellicht traumatische, projecteren
op personen die ons terugbrengen naar die ervaringen. Het is jammer dat in
Suriname geen instantie is die zich specifiek bezighoudt met elimineren van
racisme en discriminatie in onze samenleving.
Het is, denk ik, zo dat deze twee zaken zo
zijn ingeburgerd dat we het normaal vinden en niet meer zien dat het verkeerd
is. Zo een instantie zou dus alleen maar als een zeurinstantie worden ervaren. Net
zoals dat wij mensenrechten ook alleen maar gezeur vinden. Dat is best
beangstigend. Weten dat de regels die ervoor moeten zorgen dat een ieder een
menswaardige behandeling krijgt, niet serieus genomen worden. Het maakt dat we
allemaal voor eigen rechter willen spelen. Plak daar het gendervraagstuk aan
vast en dan hebben we een mooie cocktail van vooroordelen, verwerpen van
mensenrechten en het recht in eigen handen nemen waarbij vrouwen en bepaalde
etnische groeperingen aan het kortste eind trekken. Maar eigenlijk zijn zij
niet de enige. Er zijn meerdere groepen wiens rechten niet gerespecteerd
worden. Dat terwijl we er prat op gaan, zeker nu, dat wij een rechtstaat zijn.
Lachwekkend. We zijn een willekeurstaat waarin het recht selectief toegepast
wordt en waarin wij onderhevig zijn aan de grillen van elk persoon die in elke
gegeven situatie met de op dat moment voor de hand liggende scepter zwaait.
Terwijl we in principe allemaal op een bepaald
moment te maken krijgen met het niet kunnen genieten van onze rechten blijkt
het nog steeds een probleem om dit tot een onwrikbaar instituut binnen onze
samenleving te maken. Het lijkt steeds doller te worden. Toch blijf ik de hoop
houden dat we op een gegeven moment wakker worden en inzien dat we zo niet
verder kunnen. Ik denk wel dat er eerst nog tientallen vrouwen vermoord zullen
moeten worden door ex-partners. Er zullen eerst nog meer jonge meisjes
verkracht moeten worden. Er zullen eerst nog meer inberes van mensen gedeeld
worden op social media ten koste van de privacy van moeders en het welzijn van
hun kinderen. Dat heeft weinig te maken met de effectiviteit van ons
politiekorps maar vooral met iets dat ogenschijnlijk teveel van ons missen. Wat
dat is? Common sense!
Geen opmerkingen:
Een reactie posten