We zaten in een klein groepje bij elkaar en luisterden aandachtig. “Er is sprake van vervuiling, gokvervuiling!”. Meteen greep ik naar mijn pen en schreef dat woord op. Gokvervuiling. De spreker doelde op het feit dat de mogelijkheden tot gokken als paddestoelen uit de grond rezen. Niet alleen fysiek bij heel veel supermarkten maar ook online. Nog zorgelijker was dat het erg aantrekkelijk bleek onder jongeren. Althans, zo zei de spreker. Afgelopen week is het me zelf ook wel opgevallen dat gokken groeiende populariteit geniet.
Bij de buurtsupermarkt zie ik steeds vaker
drukte bij het aparte hokje waar men kraskaarten en dergelijke kan kopen.
Laatst zag ik een dame met een boze uitdrukking op haar gezicht weer in haar dwars
geparkeerde auto stappen. Misschien had ze in een wanhopige daad haar laatste
centjes vergokt? Zelf ben ik niet dol op gokken. Vind het zonde van het geld.
Om dezelfde reden koop ik bijvoorbeeld ook geen vuurwerk. Maar dromen over het
winnen van die jackpot doe ik ook wel. Fantaseren kan geen kwaad toch?
Zou het kunnen zijn dat onze crisis die, zoals
bij een echte crisis hoort, alleen de zwakkeren in de samenleving treft, de
oorzaak is van de groeiende goklust? Zelf denk ik van wel. Ik denk ook dat het
ervoor zorgt dat de frustratie bij het verliezen nog groter is omdat er meer
vanaf hangt. Het is eigenlijk helemaal niet goed dat we ervoor hebben gezorgd
dat we weer een dreiging erbij hebben die gaat opspelen in mindere tijden. Dat
is enerzijds.
Aan de andere kant is het goed dat het er is
omdat... ik had bedacht dat er een reden zou moeten zijn waarom gokken goed is.
In de vorm van kiezen tussen het minst van twee kwaden. Helaas. Bij nader
inzien, zie ik geen valide redenen om gokken, voornamelijk onder jongeren, goed
te keuren. Niet dat ik het veroordeel. Slechts vraagtekens plaats ik er bij.
Ergens dacht ik dat het beter was omdat zij dan geen andere acties zouden
ondernemen om aan geld te komen. Echter kan juist het gokken daartoe leiden.
Naast vervuiling van ons milieu, onze religie
en ons moraal hebben we er nog een zorg bij. Hai baja, hoe hiermee om te gaan? Hopelijk is het een korte hype en
zullen over een korte tijd een groot deel van de gokgelegenheden weer
verdwijnen uit het straatbeeld. Die krantenberichten over mensen die, bij
verlies, interieurs kort en klein slaan, zijn vermakelijk maar ook een teken
aan de wand.
Toch droom ik regelmatig over het winnen van
die jackpot. Wat zou het toch mooi zijn om een vermogen te hebben waarbij er
nauwelijks zorgen zijn over de hoogte van de koers en uitvloeisels daarvan. Hoe
heerlijk om zonder zorgen op vakantie te kunnen gaan. Hoe heerlijk om
financiele vrijheid te genieten. Misschien is dat ook een motivatie om te
gokken? De zucht naar vrijheid in een land dat vrijheden kent maar toch benauwend
en beperkend kan zijn voor een ieder die ‘anders’ is.
Over vervuiling gesproken. We gaan best goed
om met de nieuwe milieuvriendelijke, doch moeilijk te openen en af te sluiten,
meeneembakken. Mooie stap ook. Er moeten meer volgen. Want nog steeds krijgen
we in de supermarkt allerlei producten in plastic zakjes. Elke cupcake,
sushi-assortiment of groente is in een plastic bakje of zakje dat net zo
schadelijk is voor het milieu. Ondanks de mooie stap styrofoam te verbieden, zijn we er dus nog lang niet.
Terugkijkend op 2019, een pittig jaar, denk ik
wel dat vervuiling, en het terugdraaien daarvan, een van de zaken is die ons
heeft bezig gehouden. Hopelijk blijft dat ook in 2020 zo. De gezamenlijke
opruimacties moeten we toepassen op vele gebieden. Ook in de politiek waar er
sprake is van leeftijdsvervuiling in de vorm van vergrijzing. Suriname, het is
tijd om schoon schip te maken en de jongere generatie aan het roer te laten!
Maar niet voordat we hen geleerd hebben de juiste prioriteiten te stellen en
dat kan weleens een flinke uitdaging worden. Hoe dan ook, wi musu seti kondre bun!
Geen opmerkingen:
Een reactie posten