Het moge duidelijk zijn dat de feestdagen niet
aan mij zijn besteed. Ik dacht dat ik een van de weingen was. Echter, als ik
naar de stad kijk, en de hoeveelheid kerstversiering, dan denk ik dat de
Surinaamse Christmas spirit dood is,
op wat stuiptrekkingen na. Dat zijn die eenzame huisjes met kerstlichtjes in
een stad zonder kerstsfeer. Moedige mensen die een hogere rekening van onze efficiente
stroomleverancier trotseren, dacht ik bij mezelf. Als ik het rumoer om mij heen
zo hoor, wijzen meer mensen richting de Saramaccastraat: “Guilty of murdering the Christmas Lights!”.
Iets anders dat me opviel tijdens de
feestdagen was de kritiek op overdadig vastgelegde liefdadigheidsacties. Maar het
is toch best mooi dat, van de meer dan 360 dagen van het jaar, er mensen zijn
die een enkele dag bereid zijn stil te staan bij het leed van anderen? Die
mensen verdienen toch een pluimpje? Zeker omdat ze een structurele manier
hebben bedacht om het leed van anderen te verzachten. Met een Kerst-voedselpakket kan iemand het
hele jaar door eten. Men kan er schoolspullen voor de kinderen mee kopen en men
kan in het eigen onderhoud voorzien voor de rest van het jaar! Oh, werkt dat
niet zo met een voedselpakket tijdens de Kerst?
Vroeger vond ik het ook leuk om te doen maar
ik kijk er nu anders tegen aan. Ik merkte dat het effect op mijn ego groter was
dan op de situatie van de persoon aan wie ik gaf. Het zat me dwars dat ik me
goed voelde terwijl ik wist dat ik na de feestdagen een groot stuk kip at bij
mijn goedgevulde bord terwijl die mensen met vier man van een enkele kippenbout
moesten eten. Ik wil liever iemand zodanig helpen dat deze geen donaties nodig
heeft. Ik wil een structurele aanpak van de armoede en ongelijkheid.
Dat is het doneren van goederen aan arme
gezinnen gewoon niet. Het is slechts een korte termijn oplossing waar vooral
het ego van de gever beter van wordt. En hoe echt is de hulp? Zullen we dezen
mensen, die we van onze donaties afhankelijk maken, ook helpen als ze na de
feestdagen voor onze neus staan? Of zijn we dan alweer uit onze care modus en sturen we ze naar hun
moer? Wie heeft tijdens Kerst nog gedacht aan die laffe Geijersvlijt-butcher? Of aan die ‘gas-station-heroes’ en hun slachtoffers?
Al die Kerst-aandacht voor die huilende
alleenstaande moeders is best lief. Het zou nog liever zijn als we het hele jaar
door aandacht voor hen hadden. In plaats daarvan maken we hun dochters belachelijk
omdat ze, uit nood, voor heel weinig de jonge benen spreiden om oud zaad van de
gegoede burgerij op te vangen. We willen hun zonen doden omdat ze manja’s
pakken uit onze bomen. We schelden op hun kinderen omdat ze knippas verkopen. We
laten ze zelfs werken voor een hongerloontje zodat we meer winsten hebben en
vinden ze een last wanneer ze voor de zoveelste keer komen vragen of ze een
verhoging kunnen krijgen. Logisch, ze moeten arm blijven zodat we ze met kerst
wat kunnen geven zodat wij ons zelf beter voelen!!
Nee, ik ben er klaar mee om sociaal gedrag
‘vanwege de feestdagen’ goed te keuren. Ik zal het zien voor wat het is:
zelfvoldoening. Kan ik best mee leven zolang we daar eerlijk over zijn. En als
we vanaf volgend jaar nog meer inzoomen op de tranen en de karige inboedel, ben
ik helemaal blij. Nu weet ik niet of ik mij zorgen moet maken of de
stroomleverancier moet complimenteren. Het sterven van de Kerstsfeer is een ‘omen’...
Geen opmerkingen:
Een reactie posten