zaterdag 1 juni 2019

DEDE (De Ware Tijd, 29-12-2018)


Het moge duidelijk zijn dat de feestdagen niet aan mij zijn besteed. Ik dacht dat ik een van de weingen was. Echter, als ik naar de stad kijk, en de hoeveelheid kerstversiering, dan denk ik dat de Surinaamse Christmas spirit dood is, op wat stuiptrekkingen na. Dat zijn die eenzame huisjes met kerstlichtjes in een stad zonder kerstsfeer. Moedige mensen die een hogere rekening van onze efficiente stroomleverancier trotseren, dacht ik bij mezelf. Als ik het rumoer om mij heen zo hoor, wijzen meer mensen richting de Saramaccastraat: “Guilty of murdering the Christmas Lights!”.

Iets anders dat me opviel tijdens de feestdagen was de kritiek op overdadig vastgelegde liefdadigheidsacties. Maar het is toch best mooi dat, van de meer dan 360 dagen van het jaar, er mensen zijn die een enkele dag bereid zijn stil te staan bij het leed van anderen? Die mensen verdienen toch een pluimpje? Zeker omdat ze een structurele manier hebben bedacht om het leed van anderen te verzachten.  Met een Kerst-voedselpakket kan iemand het hele jaar door eten. Men kan er schoolspullen voor de kinderen mee kopen en men kan in het eigen onderhoud voorzien voor de rest van het jaar! Oh, werkt dat niet zo met een voedselpakket tijdens de Kerst?

Vroeger vond ik het ook leuk om te doen maar ik kijk er nu anders tegen aan. Ik merkte dat het effect op mijn ego groter was dan op de situatie van de persoon aan wie ik gaf. Het zat me dwars dat ik me goed voelde terwijl ik wist dat ik na de feestdagen een groot stuk kip at bij mijn goedgevulde bord terwijl die mensen met vier man van een enkele kippenbout moesten eten. Ik wil liever iemand zodanig helpen dat deze geen donaties nodig heeft. Ik wil een structurele aanpak van de armoede en ongelijkheid.

Dat is het doneren van goederen aan arme gezinnen gewoon niet. Het is slechts een korte termijn oplossing waar vooral het ego van de gever beter van wordt. En hoe echt is de hulp? Zullen we dezen mensen, die we van onze donaties afhankelijk maken, ook helpen als ze na de feestdagen voor onze neus staan? Of zijn we dan alweer uit onze care modus en sturen we ze naar hun moer? Wie heeft tijdens Kerst nog gedacht aan die laffe Geijersvlijt-butcher? Of aan die ‘gas-station-heroes’ en hun slachtoffers?

Al die Kerst-aandacht voor die huilende alleenstaande moeders is best lief. Het zou nog liever zijn als we het hele jaar door aandacht voor hen hadden. In plaats daarvan maken we hun dochters belachelijk omdat ze, uit nood, voor heel weinig de jonge benen spreiden om oud zaad van de gegoede burgerij op te vangen. We willen hun zonen doden omdat ze manja’s pakken uit onze bomen. We schelden op hun kinderen omdat ze knippas verkopen. We laten ze zelfs werken voor een hongerloontje zodat we meer winsten hebben en vinden ze een last wanneer ze voor de zoveelste keer komen vragen of ze een verhoging kunnen krijgen. Logisch, ze moeten arm blijven zodat we ze met kerst wat kunnen geven zodat wij ons zelf beter voelen!!

Nee, ik ben er klaar mee om sociaal gedrag ‘vanwege de feestdagen’ goed te keuren. Ik zal het zien voor wat het is: zelfvoldoening. Kan ik best mee leven zolang we daar eerlijk over zijn. En als we vanaf volgend jaar nog meer inzoomen op de tranen en de karige inboedel, ben ik helemaal blij. Nu weet ik niet of ik mij zorgen moet maken of de stroomleverancier moet complimenteren. Het sterven van de Kerstsfeer is een ‘omen’...

Geen opmerkingen:

Een reactie posten

EKSI (De Ware Tijd, 13-02-2021)

Eieren zijn een belangrijk onderdeel van ons leven. Het is eigenlijk een basisgoed. Toch fluctueert de prijs constant, tot mijn grote ergern...