Elke avond is het op de lege percelen naast mijn huis een vogeltjes festijn. Rond een uurtje of half zeven komen ze van alle kanten aanvliegen. Ze zingen en tetteren. Alsof ze elkaar vertellen hoe hun dag was. Soms ga ik staan kijken totdat het te donker wordt om iets te zien. En zelfs dan blijf ik staan om naar ze te luisteren. Vogels zijn, naast vlinders, dieren waar ik erg blij van word. Ik heb er ook een speciale band mee. Het is bijvoorbeeld zo dat ik regelmatig een klein bruin vogeltje op mijn balkon zie. Tot nu toe heeft deze zich iedere keer bij de voordeur opgehouden maar kwam bij elk bezoek een stukje dichterbij. Net zolang tot het op een gegeven moment in de woonkamer stond.
Laatst vertelde een van mijn buren mij dat die
vogeltjes op het lege perceel bijzonder gewilde zangvogels waren. “Als je nu
een net gooit, vang je ze en heb je heel veel geld.” Er was een kort moment waarop
ik een waterval van euro’s en Amerikaanse dollars zag. Waarschijnlijk een
restant van mijn kapitalistische conditionering. Gelukkig is mijn gevecht
daartegen een succesvolle en was die hebzucht na een paar seconden alweer uit
mijn systeem. Het zou namelijk een verwoesting met zich mee brengen die erin
zou resulteren dat ik helemaal geen vogelgezang meer zou horen. Het zou ook
tegen alles ingaan waar ik voor sta.
Mijn liefde voor de natuur is groot. Zo groot
dat ik zelfs een keer heb gehuild nadat ik een hagedisje kapot had geslagen.
Terwijl ik sutra’s aan het reciteren was, stak het beest ineens zijn kop op
tussen mijn bosjes salie, mijn veertjes en mijn andere spirituele hulpmiddelen.
Ik schrok. Niet omdat ik bang ben maar omdat ik meteen de rillingen voelde die
ik krijg wanneer er beestjes over mijn lichaam kruipen. Dat gekriebel is waar
ik niet tegen kan. Het was een van de
weinige momenten waarop ik heb toegegeven aan mijn atavistische vernielzucht.
Ik geloof dat mensen wel degelijk kunnen
communiceren met dieren, ook met planten. Dit beestje heeft het ook geprobeerd.
Flitsen van angst schoten voor mijn geestesoog maar hielden mij niet tegen.
Totdat het beest zijn laatste adem uitblies. Vol walging besefte ik wat ik had
gedaan. Hoe was het mogelijk dat ik terwijl ik sutra’s aan het reciteren was,
ineens kon uitbarsten in zo een moordzucht? Ik begreep het niet. Toen niet. Nu
iets beter. Mijn leermeester in het Boeddhisme gebood mij nooit meer zoiets te
doen. Hij legde mij ook uit waarom.
Gezien het feit dat ik sutra’s aan het
reciteren was en het beest zijn kop opstak tussen mijn spirituele spulletjes,
was de kans groot dat het een shoten
zenjin was. Een goede geest die zijn of haar aanwezigheid kenbaar maakte.
Ik herinnerde mij dat op het moment dat het beest zijn kop opstak, het een
guitige blik had. Het deed mij pijn. Die guitige blik werd gevolgd door de dode
blik en het tongetje dat uit de bek hing. Moe van de doodsstrijd tegen een
groot wezen dat verblind was door..ja, door wat eigenlijk?!
Nog steeds krijg ik rillingen van deze
herinnering. Vanwege mijn eigen gedrag maar ook, nog steeds, vanwege het gevoel
van kriebelende dierenpootjes op mijn lijf. Diezelfde dag nog heb ik
vergiffenis aan Mama Sranan gevraagd. Daarom heb ik mij gecommitteerd een
vechter voor de natuur te worden in plaats van ertegen. Waarom? Omdat we
onderdeel ervan zijn. Wij zijn de natuur. Daarom voelde ik de pijn van het
beestje, dwars door mijn blinde waanzin. Mijn karmische straf heb ik gehad.
Althans ik hoop dat de malaise die daarna volgde daaraan toe te schrijven was.
Wat ik mij nu afvraag, is hoeveel mensen mij
een slappeling vinden omdat ik heb gehuild na het doodslaan van een hagedis? Niet
dat ik er wakker van lig. Ik denk dat meer mannen hun zachte kant mogen tonen.
En dat vrouwen, en andere mannen, dit moeten respecteren. Bij deze heb ik het
voortouw genomen. Het opkroppen van emoties of het verbergen van gevoelig zijn,
zorgt voor frustraties. Ik denk dat we inmiddels wel het punt hebben bereikt
dat we al die moorden, zelfmoorden en mishandelingen zat zijn. Sinds mijn
vorige column zijn er namelijk weer wat voorvallen geweest en verscheen er
zelfs een bericht dat een dame op de auto van haar vriend had geschoten. Alleen
maar omdat ze dacht dat hij uitliep..
Willen we echt zo een Wild West samenleving zijn?! Nee man! A nofo kaba! Oja, ik heb geen dieren
meer doodgeslagen sindsdien. Als we het willen, kunnen we echt wel..
Geen opmerkingen:
Een reactie posten