Liggend in een kreek met zwart water genoot ik van de zon. Het was mijn laatste dag in Suriname na een vakantie van 3 weken. Mijn vlucht zou vertrekken rond half acht in de avond en ik wilde nog even genieten van mijn geboorteland, toen nog niet mijn woonplaats. Terwijl ik genoot van het verkoelende zwarte water staarde ik naar de savanne en haar lage begroeiing. “Zal ik remigreren en terugkeren naar mijn geboorteland?” Daar in Matta gaf Suriname mij het antwoord. Het was een “JA!”. De wind had het gefluisterd in mijn oor. Gerustgesteld stapte ik uit de kreek en toog naar mijn ouders die bij mijn oom in de tent zaten. “Ma, pa, ik heb antwoord gekregen. Het is nu zeker dat ik zal terugkeren naar Suriname. “Vol ongeloof keken ze me aan. “Echt waar?!”Ik bevestigde. Vanaf daar vertrok ik naar het vliegveld om mijn vlucht naar Nederland te pakken. We kregen autopech, midden op de onverharde weg. Alsof Matta mij vanaf dat moment al daar wilde houden.
Sindsdien heeft het dorp een bijzondere plek
in mijn hart. De schok was dan ook groot toen ik het bericht las over de moord
gepleegd door zes jongeren uit het dorp. Daarvan was een deel eigenlijk nog een
kind. Verdorie, dacht ik. Wat is dat nou? Hoe kan dat nou? Er ging van alles
door mijn hoofd over het waarom. Dat doe ik altijd. Van welke oorzaak was dit
het gevolg? Eigenlijk maakte het niet meer uit. De schade was al aangericht en
erger kon het toch niet worden. Daar vergiste ik me in. Ik had de
veroordelingsdrift van mijn landgenoten zwaar onderschat. Want al gauw
verschenen er foto’s met naam en al op social media. Groot stond erbij “DIT
ZIJN DE MOORDENAARS”. Op de foto’s zag ik zes jongens waarvan twee tranen in de
ogen hadden. Nog meer geschokt was ik. Die twee..het waren kinderen. Ik had
gelezen dat ze dertien waren maar ze leken wel negen jaar oud!
Het slachtoffer heb ik niet goed gekend maar
weleens ontmoet tijdens een van mijn vele bezoeken aan het dorp. Het leek mij
niet dat deze het publiceren van de daders en hen te kijk zetten, zou
goedkeuren. Ik voelde boosheid opkomen. Hoe kon een volwassene die foto’s van
die kinderen delen en ze uitmaken voor moordenaar? Ik moet zeggen dat ik,
zonder de gruwelijke daad goed te praten (!), bozer werd op de pseudojournalist
die op likes geilde dan op die zes jongens. Waarom? Omdat ze nog jong zijn. Er
is geen grotere straf dan te moeten leven, vanaf je dertiende tot aan je dood,
met de wetenschap dat je iemand het leven ontnomen hebt of eraan medeplichtig
bent geweest. Deze kinderen zullen mogeijk nog zestig jaar leven. Zou het niet
beter zijn om ze te beschermen en te omringen met liefde zodat ze alsnog een
betere bijdrage kunnen leveren aan de maatschappij?
Ik was blij om te zien dat het Korps Politie
Suriname vrij direct met een verklaring kwam. Het delen van de foto’s was een
schending van de rechten van het kind. Dus de klokkenluider (meestal zijn die
goed maar deze snapte het niet helemaal) werd gezocht. Waarom olie op het vuur
gooien? Waarom extra zout in de wonde wrijven? Ik hoop ten zeerste dat ze hem,
of haar, vinden. Die zes jongens hebben in hun waanzin een persoon van het
leven beroofd. Maar die klokkenluider heeft zes potentiele levens vernield. Nogmaals,
het is niet goed te keuren wat ze hebben gedaan maar als we logisch nadenken,
zijn het kinderen die gewoon nog steeds de kans verdienen om iets te worden in
de maatschappij. Onze samenleving heeft volwassenen voor gruwelijker daden
vergeven. Bij volwassen daders zijn we zelfs zo grof dat we de slachtoffers de
schuld geven. En nu bij deze kinderen willen we ineens wel hard zijn en hen
geen tweede kans gunnen? Ik hoop dat die foto’s verdwijnen en dat die namen
nooit meer te achterhalen zijn zodat deze kinderen kunnen opgroeien met het
besef en de belofte dat zij zich nooit mogen wenden tot geweld om een statement
te maken.
Er zijn allerlei ideeen naar voren gebracht
over het waarom. Wat mij betreft, is het allemaal onzin. Deze jongens zijn een
product van onze samenleving. Ze zijn de spiegel die ons voorgehouden wordt en
in plaats van hen te vervloeken, moeten we ons afvragen of we nou trots en
tevreden zijn met wat wij van ons land hebben gemaakt. Al jaren schreeuw ik,
tegen dovemansoren, dat jongeren nog geen volwassenen zijn. Dat ze niet
gebruikt kunnen worden om onze frustraties en lusten op te botvieren. Dat we niet goed omgaan met onze jeugd!
Dit kan een voorbode zijn van wat ons nog meer
te wachten staat indien we niet luisteren. De natuur, het leven of het
universum, praat namelijk echt tot ons. Geeft ons signalen. Wegwijzers. Het is
aan ons om de signalen op te vangen of in de wind te slaan. Zolang we maar
onthouden dat onze keus een boomerang is die karma heet. Daarom hoop ik ten
zeerste dat Matta deze jongens en hun familie niet afstoot maar ze omarmt met
liefde zodat de dood van de kapitein een ogri
is die een hele mooi en sterke bun
voort zal brengen.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten