Vaak wil ik nationalistisch boodschappen doen. Meestal blijft het bij willen en zet ik mijn voornemens niet om in daden. Waarom? Omdat ik niet altijd vertrouw op de tot stand koming van de verkoopprijzen in combinatie met de geboden kwaliteit van lokale goederen en/of diensten. Vooral als het gaat om diensten, laat de kwaliteit vaak ernstig te wensen over. Ik krijg vaak het idee dat men kijkt naar de prijs van een buitenlands product en op basis daarvan een soortgelijke consumenten verkoopprijs vast stelt voor een lokaal geproduceerd consumptiegoed of dienst. Soms creeert men schaarste of gebruikt men ‘het seizoen’ om prijzen op te drijven.
Laatst zag ik gele watermeloenen te koop. Ben
ik dol op. Ik vind ze lekkerder dan rode watermeloenen maar dat komt omdat het
mooie jeugdherinneringen oproept. Een kleine watermeloen kost tussen de 8 en 15
SRD. Deze verkoper presteerde het om een kleine gele watermeloen aan te bieden
voor SRD 25. De vriendin waar ik mee was, kocht fruit en vroeg verbaast waarom
ik niet de gele watermeloen kocht. “Uit principe niet. Ik vind het gewoon te
hoog geprijst.”, zei ik. De verkoper lachte verlegen maar zei niets.
Avocados die voor SRD 45 of meer in de winkel
worden verkocht, laat ik principieel ook staan. Drakenfruit voor SRD 15 per
stuk zal men niet in mijn koelkast vinden. Hoe ik dan aan fruit kom? Wanneer ik
buiten de stad ga, koop ik fruit en groenten direct bij de kleine planters of
mensen die voor zichzelf planten. Als ik dan geld moet uitgeven dan liever bij
iemand die er echt iets aan heeft en naar eerlijkheid prijzen vast stelt.
Tijdens die eierenschaarste heb ik ook geen eieren gekocht.
Steeds vaker krijg ik weerstand om deel te
nemen aan ons kapitalistische systeem. Dit is niet iets van de laatste tijd.
Het begon tijdens mijn opleiding aan de Kunstacademie waar ik modevormgeving
studeerde. Daar leerde ik zelf kleding ontwerpen en maken. Maar ik leerde ook
hoe het zat met kleding die we in de winkel kopen.Dat die kleding voor een paar
centen per stuk gemaakt werd, of wordt?, door arme kinderen in ‘ontwikkelingslanden’(tussen
aanhalingstekens omdat die landen zo worden bestempeld vanuit de Westerse
optiek).
“Eigenlijk betalen we die honderden guldens voor
dat labeltje in de kraag en de mooie verpakking.”, verklapte mijn docent. Voor mij betekende het
dat ik in de periode voor die uitspraak voor het laatst veel geld heb
uitgegeven aan de leugen die wij de kledingindustrie
noemen. Het heeft me geleerd om te kijken naar dat wat ik mooi vond in plaats
van naar wat nodig was om erbij te horen. Ik zal ook nooit in de rij gaan staan
voor de nieuwste smartphone daar het
alleen mijn ego zal voeden en niet mijn maag. Men heeft mij weleens verteld dat
ik er als een zwerver uitzie. En dat kleren de man maken. Ben het daar niet mee
eens. Kleren maken die ene man uit de 1% rijker dan hij al is, dat is alles. En
ik wil daar niet aan mee werken.
Al met al heeft onze hebzucht ervoor gezorgd
dat we bijna niet meer ‘normaal’ kunnen leven. Sterker nog, ik vind dat we onze
wereld tot een warboel hebben gemaakt. Het kunstmatige is goedkoper dan het
natuurlijke. Het educatieve is ondergeschikt aan het vermakelijke. Moraliteit moet
wijken voor winst. Waarheid moet wijken voor religie. Dat laatste zal me niet
in dank worden afgenomen. Echter vind ik dat er een verschil is tussen spiritualiteit
en religie. Religie zorgt voor scheiding terwijl spiritualiteit zorgt voor
verbinding. Ook hier is, helaas, weer een link te maken naar kapitalisme.
Het verbaast me altijd weer hoe men in de kerk
altijd vraagt om geld, contributie of tienden. Laatst had ik plaatsvervangende
schaamte toen een oom van mij tijdens een uitvaart keihard begon te tieren
richting de voorganger. Het was ook wel schandelijk wat er gebeurde. Hij had eigenlijk
gelijk. De naam van de overledene werd niet goed uitgesproken, familiebanden
werden verkeerd aangehaald en pas bij de vraag bij te dragen aan de collecte
verscheen er een glimlach op het gezicht en werd de hele uitstraling energieker.
Ik heb niets gegeven.
Het is jammer dat wij aan alles een prijskaart
hebben gekoppeld waarbij de prijs-kwaliteit verhouding niet meer in balans is.
Zelfs aan onze verbintenis met het goddelijke. Terwijl we die van nature al
hebben. Toch trappen de meesten van ons in de fabels dat we geld moeten
neertellen omdat we anders niet met de bron verbonden zullen zijn. We straffen
anderen er zelfs voor door ze heidenen te noemen, ook anno 2019! De mens
gebruikt religie voor disconnectie en disconnectie zorgt ervoor dat we alles kunnen
monetariseren uit hebzucht en om drempels en muren in stand te houden. Boi, wat
een gele watermeloen allemaal niet teweeg kan brengen!!
Geen opmerkingen:
Een reactie posten