Afgelopen weekend verscheen er een foto van een groepje gekleurde Nederlanders die op een Surinaamse vlag stonden. Het leek erop dat het tijdens het Zomercarnaval in Rotterdam was dus er zal wat drank, en misschien wel drugs, in het spel zijn geweest. Tenmiste, dat hoop ik. Want dat zou deze respectloze onoplettendheid kunnen verklaren. Dat de foto hier in Suriname driftig werd gedeeld op social media waarbij ‘die Nederlanders’ volledig met de grond werden gelijk gemaakt, vond ik het bewijs van de huichelachtigheid, of ondoordachtheid, die heerst in ons land. We stijgeren omdat mensen op ‘onze’ vlag staan. Dat ‘onze’ is al subjectief. Horen daar alle groepen in onze samenleving bij? Het antwoord is nee. We hebben dat niveau van totale inclusiviteit nog niet bereikt en ik zie ons dat voorlopig nog niet bereiken omdat we nog teveel blijven draaien om futiliteiten in plaats van te kijken naar het grote geheel. Hoe dat komt, is te verklaren en dat het zo is geworden is niet echt onze schuld. Dat het zo blijft is wel keihard aan onszelf te danken!
We zijn bijvoorbeeld ook blijven hangen in dat
minderwaarheidsgevoel over ons land. We zijn namelijk de eersten die onszelf
zullen afkraken! Er hoeft maar een regenbui te zijn geweest waarbij de straten
overstromen en social media staat vol
met belachelijke berichten over de huidige regering (alsof zij wat kunnen doen
aan de regen) en dat dit alleen maar in Suriname kan (alsof het nergens anders op
de wereld regent). Maar wie gooit altijd rommel op straat waardoor alle
rioleringen verstopt raken? Wie blijft ergens wonen waar het al eeuwen
onderloopt bij regenval? Vroeger dacht ik ook zo. “Jeetje, wat een
achtergestelde boel hier.” Maar ik bedacht me snel dat ik in Nederland ook in
een huis heb gewoon waarvan het dak ging lekken zodra de sneeuw begon te
smelten wanneer . En dat de huisbaas dan zei “Tja, dat gebeurt nu eenmaal, zet
maar een emmer.” Om vervolgens pas drie jaar later het dak te repareren. Mij
achterlatend met een verward gevoel omdat mij was aangeleerd dat alles in
Nederland perfect geregeld was en dat zulk soort zaken alleen in Suriname
gebeurden. Toch?
Ik ben sinds een paar maanden gestopt met het
delen van berichten die de inbere van
Suriname laten zien. De vuile was van mijn moeder hang ik ook niet buiten dus
waarom wel die van Mama Sranan? Misstanden hoeven niet op social media. Helemaal niet als ze gepaard gaan met
uitspraken die ons minderwaardigheidsgevoel blootleggen. Het stoort me steeds
meer dat wij, en de diaspora, de eersten zijn die ons land met de grond gelijk
maken. Omdat we gewoontedieren zijn en we geleerd hebben alleen te letten op
het negatieve en het uitvoerig te proclameren ‘for the whole world to see’. Zelfs als er iets goeds is, zullen
wij de eersten zijn die er een negatieve draai aan zullen geven.
Laatst maakte ik zoiets mee. Een Surinaams-Nederlandse
vrouw met haar Hollandse man in een winkel. Hij wilde iets kopen. “Het is een
koopje!”, zei hij en pakte zijn portemonnee. Direct stopte zei hem. “Nee, hoor,
dat is veel te duur voor iets dat gewoon hier is gemaakt.” Ik overdrijf niet
als ik zeg dat mijn hart zich vulde met tranen en ik haar alleen kon aankijken
met een blik vol ongeloof. Hij vond ons lokale product de prijs waard maar zij,
met Surinaamse roots, vond het minderwaardig.” Als Boeddhist geloof ik in
karma. Dat houdt in dat een individu altijd word geconfronteerd met de gevolgen
van zijn of haar acties. Zowel positief als negatief. Op dat moment voelde ik
de pijn die ik Mama Sranan, ik zie haar als een levende entiteit, heb aangedaan
toen ik vroeger ook zo dacht en soortgelijke uitspraken deed.
Een land, buurt of gemeenschap kan ook met
karma worden geconfronteerd. Daarom denk ik dat wij als gemeenschap werden
geconfronteerd met die foto waarop men achteloos op onze vlag trapt. Dat is exact
wat wij doen, iedere keer als wij ons land afkraken. Ik moet zeggen dat ik wel
blij was toen bleek dat het helemaal geen Surinaamse vlag was en dat iemand
weer ondoordachte conclusies had getrokken zonder een factcheck te doen. We moeten echt beter nadenken over wat wij laten
zien op social media en vooral wanneer we onze mening uiten over zaken die ons
land en de bevolking aangaan.
De wereld ziet ons. Ze zien nu bijvoorbeeld
ook hoe we genadeloos onze eigen jeugd neerhalen terwijl ze hun droom proberen
waar te maken door mee te doen aan een zangwedstrijd. Dat kan niet. Het zijn de
vlaggendragers van de toekomst. Hoe kunnen ze deze hoog houden als we ze nu al
compleet de grond intrappen? Hoe kunnen ze trots zijn op zichzelf en hun land
als hun eigen landgenoten ze neerhalen?
Geen opmerkingen:
Een reactie posten